NIET VERGETEN: OOK TIGRI WERD GEROOFD

Als de Venezolaanse regering van Nicolás Maduro, morgen besluit na een gehouden referendum het Essequibo-gebied na een militaire actie te annexeren, krijgen de Guyanezen te maken met een koekje van eigen deeg. De Venezolanen claimen al decennialang het Essequibo-gebied, omdat  ze ervan uitgaan dat het gebied tijdens het koloniale bestuur van de Britten – in wat nu Guyana heet – het voormelde gebied door het opmaken van valse landkaarten door de Duitser Robert Hermann Schomburgk, afhandig werd gemaakt. Venezuela was in die periode zeker militair niet opgewassen tegen de Britten, dus werd het gebied bij Guyana gevoegd. Het moet duidelijk zijn dat de Britten ook op het vasteland van Zuid-Amerika een zogeheten foot-hold (vaste voet) wilden hebben. Ook aan onze zijde hebben de Britten er alles aan gedaan om van de andere kolonisators aan de Noordzee, gebied af te snoepen. Dat een deel van het huidige Guyana ook tot de kolonie Suriname behoorde, valt nog steeds op te maken aan de Nederlandse namen op bepaalde plaatsen. Maar het was dezelfde Robert Hermann Schomburgk die de Corantijn opvoer en ook na deze tocht een valse landkaart voor de Britten opmaakte, waarin hij aangaf, dat de Coeroeni Cutari, de bovenloop van de Corantijnrivier was. Hij had de waarachtige veel grotere waterstroom die wij de Boven-Corantijn noemen, niet gezien. Later bij nader onderzoek door de Brit Barrington Brown, bleek de Boven-Corantijn – door hem genoemd de New River – de echte bovenloop te zijn, waardoor de zogeheten Tigri Delta, gelegen tussen Coeroeni, Cutari, Boven-Corantijn en het Acarai gebergte, zonder enige twijfel als Surinaams grondgebied moest worden gezien. De Britten wilden echter niets weten van de bevindingen van Barrington Brown. In 1969 nog voor onze staatkundige onafhankelijkheid, besloot president Forbes Burnham van het in 1966 onafhankelijk geworden Guyana, de Tigri Delta door middel van militair geweld te bezetten. Zoals bekend, greep Nederland, dat Suriname nog steeds als rijksdeel diende te verdedigen, niet in. Suriname heeft door deze annexatie en het gewelddadig optreden van Guyana, nog steeds een grensgeschil met dat land, net zoals Venezuela dat heeft met de Guyanezen over het Essequibo-gebied.  De Guyanese regering schreeuwt nu moord en brand en zoekt overal adhesie in de wereld tegen een eventuele Venezolaanse aanval, om het gebied militair over te nemen, maar Suriname mag zich absoluut niet aan de zijde van Guyana scharen als het om de Essequibo-kwestie gaat. Guyana houdt namelijk al vanaf 1969 een deel van ons grondgebied bezet, en doet overall als het gebied hem toebehoort. Wij kunnen dan deel uitmaken van de Engelssprekende club de CARICOM, die gelijk achter Guyana is gaan staan, maar worden al langer dan 54 jaar door de Guyanezen bestolen. Ze hebben met militair geweld ons grondgebied in gijzeling genomen en we  dienen daar geen moment genoegen mee te nemen en moeten zeker niet aan hun zijde gaan staan als het de kwestie Essequibo tussen Venezuela en de Guyanezen betreft. Dat de Venezolanen nu het gebied terug willen halen, desnoods met inzet van het veel sterkere Venezolaanse leger, heeft natuurlijk alles te maken met de grote aardolie- en aardgasvoorraden die voor de kust van het meergenoemde gebied zijn ontdekt. Dit grensgeschil kan enorme consequenties hebben voor de veiligheid in ons gebied dat als de Guyana’s kan worden bestempeld. Een gebied dat van de Orinoco tot de Oyapock loopt. Dat Venezuela eventueel militaire middelen wenst in te zetten, is begrijpelijk. Hebben de Guyanezen toch ook met ons gedaan in 1969, toen Den Haag er alles aan deed om de politie-eenheid uit het Tigri-gebied weg te krijgen en stond onder de oud-officier Lapre. Nederland wilde geen bonje hebben met NAVO-partner Groot-Brittannië, dat was toen ook al duidelijk. Maar we leven nu in de 21e eeuw en moeten niet vergeten dat we een Oekraïne hebben en een Gaza, waar grootmachten handelingen plegen die binnen de geopolitiek voor veranderingen kunnen zorgen, zo ook op ons continent, wanneer zakelijke en grote financiële belangen gaan spelen. Hier gaat het om aardolie, daar ging het in Irak ook om. We kunnen het wel steeds hebben over groene energie en elektrische autootjes, maar de aardolie is nog steeds van groot en overlevingsbelang voor de meeste economieën en daarom kan het Venezolaans-Guyanese grensconflict, nog veel narigheid tot gevolg voor ons allen hebben. En dan vooral als wereldmachten zich ermee gaan bemoeien. Is olie nu wel een zegen of een vloek? Dat zal ook in deze regio jammer genoeg tot uiting komen of worden gebracht.

More
articles