ONONTWIJKBAAR

De realiteit in de 21ste eeuw gebied dat we als klein en nog niet economisch weerbaar zijnde republiek, rekening dienen te houden met al hetgeen zich om ons heen op deze aardkloot voltrekt. Zo dienen we ook heel goed te analyseren met wie wij hechte  vriendschappen dienen aan te knopen en behouden en wie wij liever uit de weg gaan, althans niet hecht omarmen. De linkse populist uithangen, legt maar heel weinig zoden aan de dijk. Dat heeft de vorige regering heel goed kunnen zien. Landen als Venezuela, Cuba, Nicaragua, Iran, Rusland en Equator Guinea, kunnen je dan wel aalmoezen opleveren, maar daadwerkelijke steun, investeringen en wasdom, kan je gerust vergeten. Enkele van de voormelde staten zitten er juist op te wachten wat jij voor ze kan betekenen, omdat ze het zelf heel beroerd hebben. Het is dan vooral in een opbouwfase na een enorme financieel-economische en monetaire destructie van belang, dat je je als land gaat concentreren op landen die echte hulp kunnen verlenen en waaruit de juiste investeringen kunnen voortvloeien. Ons nadrukkelijk richten op het rijke westen en met name Nederland, betreft naar onze mening, een ietwat verouderd concept en hoeft sowieso geen  zware hulpverlening  op te leveren. We dienen niet te vergeten dat de ontwikkelingshulp die werd afgesproken en afgesloten met Nederland in 1975 bij de onafhankelijkheid, reeds is opgedroogd en dat we behalve kleine steun, zoals binnen het zogenaamde Makandra-project van de regering Rutte, niet moeten wachten op iets dat als omvangrijk mag worden gezien.

Hulp die naar verluidt, grotendeels werd benut in het kader van de Covid-19-bestrijding. Ons te lang en aanhoudend richten op de zogeheten diaspora voor hulp in Nederland, lijkt ons niet verstandig en zelfs een beetje misleidend, omdat die tot nog toe niet echt zichtbaar is gebleken. De Braziliaanse president Jair Bolsonaro heeft deze week een bezoek gebracht aan ons land en heeft gelijk aangegeven, dat het grote bedrijf Petrobras belangstelling heeft en ook geïnteresseerd is te participeren in de gas- en olie-exploraties voor onze kust en in de toekomst zelfs zou willen deelnemen bij de exploitatie. Opvallend is de grote belangstelling van Brasilia voor Suriname. Wel heel begrijpelijk, gezien onze olievoorraden die zeer veelbelovend zijn en de energiehonger die dit grote land in ons zuiden heeft. De belangstelling van Bolsonaro als huidige president van Brazilië, zal niet wegebben, ook al zou hij dit jaar worden weggestemd bij de aankomende presidentsverkiezingen. Suriname heeft een regionale reus als buurman en daar moeten we terdege rekening mee houden.

Dat Brazilië een Suriname desk heeft in de hoofdstad Brasilia is niet onbekend, men houdt Suriname al vanaf de jaren na de staatkundige onafhankelijkheid en vooral na de militaire machtsovername en communistische invloeden daarna, scherp in de gaten. Niet minder is de belangstelling in Brazilië geworden, gezien de grote Braziliaanse populatie in ons land die in de tienduizenden beloopt. Suriname en ons westelijk gelegen buurland Guyana, zijn behoorlijk op de wereldkaart geplaatst sinds de grote aardolievondsten. Men kletst dan wereldwijd over een groene wereld en de realisatie daarvan, maar voorlopig zal nog heel veel op fossiele brandstoffen blijven draaien en dus moet men er bij de rijkere landen als de kippen bij zijn en zal het paaien van Surinaamse en Guyanese machthebbers voorlopig nog enige tijd aanhouden.

Keerpunt is van mening, dat we veel meer moeten gaan doen met Brazilië en dan wel in het kader van de handel en verdere ontwikkeling van ons land. Je kan het zo gek niet bedenken of het wordt  wel in de enorme industrie van Brazilië vervaardigd. São Paulo is de industriestad van dat land en daar komt vrijwel alles vandaan. De haven Santos bij São Paulo, is het knooppunt voor import en export van dit enorme land. Al jaren hameren wij erop dat Suriname zich intensiever moet gaan richten op Brazilië en bezien wat dat land ons kan bieden en wat wij daar goedkoper vandaan kunnen halen.

Waar wel heel hard aan gewerkt dient te worden, zijn betere scheepvaartverbindingen. Hoe levendig de handel over water kan zijn en verder ontwikkeld kan worden, bewijst al jaren de aanvoer van tal van goederen uit Belém do Pará. Veel Surinamers zijn reeds vertrouwd geraakt met tal van goederen uit Brazilië en de consument  maakt daar ook gebruik van. Suriname en Brazilië moeten veel meer samen gaan werken, vooral omdat we door ons groot deviezengebrek, niet langer in staat zijn tal van dure goederen uit West-Europa en de VS te halen. Gezien het feit dat de verschepingen van goederen vanuit São Paulo vaak enerverend lang duren, zou de handel met Belém opgevoerd kunnen worden.

De regering Santokhi zou in deze ontwikkelingsfase en herstel van de economie, meer aandacht moeten schenken aan wat de grote broer in het zuiden ons te bieden heeft. Er kan dan een gezonde balans gebracht worden in al de producten die ingevoerd worden en die vaak genoeg onnodig duur op de schappen belanden.

More
articles