De macro-economische cijfers vertellen over de periode Santokhi, een vrij duidelijk verhaal. Het IMF-programma was onmisbaar. Zelfs uit onverwachte richtingen wordt nu erkend, dat een tweede IMF-programma op korte termijn, een noodzaak zou kunnen zijn. Er zijn drie behoeften waarin een dergelijk programma voorziet, terwijl Suriname een periode van herstel, behoud en voorbereidingen doormaakt. De eerste behoefte is een leefbare begroting. De begroting van 2025 is nooit aangenomen en inflatie heeft de cijfers daarin reeds ingehaald. Door middel van een nieuwe begroting en een vervroegde suppletoire begroting, moet de regering Simons zo goed en zo kwaad als het gaat, wat legaliteit in de overheidsuitgaven gaan brengen. Maar de kraters op papier, moeten in de werkelijkheid ingevuld worden, met geld dat er helemaal niet is. Een te groot begrotingstekort brengt ons terug bij af. De begrotingssteun van het IMF, zou in die zin een welkome verademing zijn.
De tweede behoefte waarin het Internationaal Monetair Fonds (IMF) kan voorzien, is legitimiteit. Om ervoor te zorgen dat wij in het internationale betaal- en kredietverkeer welkom en geloofwaardig blijven, zijn zowel de technische ondersteuning als het signaal van betrokkenheid van meerwaarde. Wij staan zwak op het gebied van Anti-Money Laundering (AML) en het huiswerk dat wij mee gekregen hebben in dat kader. We kunnen niet blijven beloven zonder inderdaad de maatregelen die nodig zijn om de mazen in onze wetgeving, maar meer nog de mazen in ons toezicht op naleving te dichten. Een tweede IMF-programma houdt ons nog wat langer aan tafel, voor wat betreft deelname aan het internationaal betaalverkeer.
De derde behoefte waarin het IMF voorziet, is de internationale schuldeisers op afstand houden en ons in het juiste kamp houden qua internationale betrekkingen. Naast de balanssteun, de technische assistentie en de sprong voorwaarts qua compliance, voorkomt het IMF dat wij ten prooi vallen aan de meest meedogenloze haaien op het toneel. Landen en financiële instituten die uit zijn op afhankelijkheid, uitholling en het wegnemen van onze soevereiniteit. Partijen die ons tot satelliet of vazal proberen te maken in hun groter geopolitiek spel.
De relatief schappelijk verlopen overdrachten, moeten daarom ook aangegrepen worden als een gelegenheid om degenen met de relaties, de kennis en de voorgeschiedenis behorend bij het contact met het IMF, inzetbaar te houden. In tijden van dreigende crisis, zijn wij eerst Surinamers, zonder partijpolitieke belangen of agenda’s. Dat vereist wel de correcte bejegening en handreiking vanuit degenen met regeerverantwoordelijkheid.


