Als Benjamin van een oprukkend Oranjeleger, heeft DNA-lid Ramsukul een comfortabele positie gehad tijdens de vorige regeerperiode. De oranjegolf die hem de assemblee inspoelde, de comfortabele samenwerking met de ABOP en de toenmalige president die altijd wel een babyolifantje wat gunde, waren niet bepaald een vuurdoop in de Surinaamse politiek. Hoewel de VHP nog steeds aan het bijkomen is van de schrik van het verlies van de verkiezingen – die ze dacht ruim te kunnen winnen – en er geen geloofwaardig plan is voor groei of de toekomst, vindt Ramsukul als parlementariër met zijn optreden bij de begrotingsbehandeling, eindelijk zijn eigen stem. Het is een krachtig, vlijmscherp vervolg dat naadloos aansluit op zijn start. De toon is analytisch, typisch voor een Surinaams opinie-essay (ingezonden stuk) en bouwt voort op het contrast tussen zijn eerdere ‘beschermde’ status en zijn huidige kritische houding tijdens de begrotingsbehandeling.
Waar hij voorheen vaak fungeerde als de loyale partijsoldaat die braaf meestemde met de coalitiedictaten, dwingt de bittere realiteit van de oppositiebanken hem nu tot volwassenwording. Het kritische geluid dat hij nu laat horen over de begroting is niet slechts een politieke truc; het legt de vinger op de zere plek waar de huidige machthebbers pijnlijk de mist ingaan. Ramsukul profileert zich plotseling als de stem van een gefrustreerde generatie die de loze beloften van herstel en economische offers spuugzat is.
Zijn felle kritiek op het uitblijven van concrete resultaten en de rammelende cijfers van de regering laat zien dat hij de luwte van de partijdiscipline heeft verlaten. Het is een opmerkelijke transformatie. Vijf jaar lang kon hij meeliften op de golven van politiek opportunisme en de privileges van de macht. Nu de kaarten opnieuw zijn geschud, beseft deze jonge politicus blijkbaar dat overleving in het Surinaamse krachtenveld vraagt om een eigen profiel, los van de schaduw van de partijbaasjes.
Zijn optreden legt tegelijkertijd het diepere falen van zijn eigen partij bloot. Terwijl de top van de VHP intern verdeeld raakt en worstelt met een identiteitscrisis na de verkiezingsklap, kiest Ramsukul voor de aanval in de zaal van de volksvertegenwoordiging. Hij spaart de coalitie niet en schroomt niet om de vinger te leggen op het gebrek aan transparantie en visie bij het huidige beleid. Daarmee vult hij een vacuüm op dat zijn partijleiding pijnlijk open laat: het bieden van een geloofwaardig, scherp weerwoord.
Het is echter de vraag of deze herwonnen kritische blik standhoudt als de politieke wind weer draait. Is dit de geboorte van een authentieke, onafhankelijke volksvertegenwoordiger, of zien we hier een strategische herpositionering met het oog op de interne machtsstrijd en toekomstige electorale kansen? Vooralsnog verdient hij het voordeel van de twijfel. Suriname snakt naar jonge parlementariërs die durven te breken met het jaknikker-syndroom dat onze politiek al decennia lamlegt. Ramsukul heeft laten zien dat hij de tanden heeft om te bijten; nu moet hij bewijzen dat hij ook de adem heeft om deze strijd voor het volksbelang vol te houden.


