Melvin Bouva minister van Buitenlandse Zaken, Internationale Handel en Samenwerking (BIS) heeft recentelijk benadrukt, dat de benoeming van een niet-residerende ambassadeur voor Israël geen wijziging brengt in het standpunt van Suriname ten aanzien van Palestina. Volgens de bewindsman onderhoudt Suriname al jaren diplomatieke betrekkingen met Israël en blijft de erkenning van Palestina als onafhankelijke staat, onverminderd van kracht.
Tijdens de behandeling van de kwestie in De Nationale Assemblee stelde Bouva dat de relatie met Israël een bestaande bilaterale en diplomatieke relatie betreft, die al onder eerdere regeringen, presidenten en ministers, is opgebouwd. Hij wees erop dat er in de loop der jaren verschillende samenwerkingsprojecten zijn uitgevoerd op onder meer het gebied van landbouw, gezondheidszorg en onderwijs. “Er is een bestaande relatie. Wat ik absoluut wil benadrukken, is dat er niets is veranderd in het standpunt van Suriname ten aanzien van Palestina,” aldus Bouva. Volgens hem blijft Suriname vasthouden aan het standpunt dat sinds 2011 wordt gehanteerd en wordt dit beleid ook door de huidige regering voortgezet. Bouva reageerde op vragen en opmerkingen van verschillende assembleeleden over de aanstelling van een niet-residerende ambassadeur van Israël in Suriname. Hij stelde dat er geen sprake is van een spanningsveld tussen de diplomatieke relatie met Israël en de erkenning van Palestina. “Wij moeten vaststellen dat er daarin geen wijziging is opgetreden en ook niet zal optreden,” zei de minister. Hij zei dat de regering op dit moment geen plannen heeft om de diplomatieke banden met Israël te verbreken. Mocht het parlement van mening zijn dat deze relatie moet worden herzien en daarvoor een meerderheid weten te verkrijgen, dan zal de regering dat standpunt in overweging nemen. De minister benadrukte verder dat diplomatieke betrekkingen doorgaans worden onderhouden op basis van wederkerigheid. Volgens hem is de benoemde vertegenwoordiger een niet-residerende ambassadeur, die zijn werkzaamheden vanuit een ander land zal verrichten en niet permanent in Suriname gevestigd zal zijn. Bouva wees erop dat Suriname ook niet-residerende ambassadeurs heeft voor andere landen, waaronder Argentinië. Daarnaast onderhouden meerdere landen diplomatieke betrekkingen met Suriname via ambassadeurs die andere landen, zoals Brazilië of Venezuela, geaccrediteerd zijn. Volgens Bouva wordt momenteel gewerkt aan een breder beleid om de inzet van niet-residerende ambassadeurs verder uit te breiden. Hij noemde daarbij verschillende voordelen van deze constructie. “Het kost het land minder, je hebt wel een vertegenwoordiging en die vertegenwoordiging zorgt ervoor dat binnen de relatie een aantal zaken kunnen worden uitgevoerd,” aldus Bouva.

