Monetaire reserves …

Monetaire reserves US$ 622 miljoen en staatsschuld SRD 5,6 miljard

De monetaire reserves van Suriname, die in november naar een dieptepunt van US$ 604 miljoen waren gekelderd en de afgelopen maanden in een vrije val leken te zijn gekomen, zijn per ultimo december licht gestegen naar US$ 621,8 miljoen. Er is tevens een lichte verbetering opgetreden in zowel de binnen- als de buitenlandse staatsschuld, die in totaal zo’n SRD 5,6 miljard bedragen, oftewel 32% van het bruto binnenlands product. De binnenlandse staatsschuld was in oktober fors opgelopen met SRD 208 miljoen naar SRD 2055 miljoen, per november bedraagt die overheidsschuld SRD 2051 miljoen. De buitenlandse staatsschuld is voorts gedaald van SRD 3575 miljoen naar SRD 3565 miljoen. Dit blijkt uit de vandaag geactualiseerde data op de website van de Centrale Bank van Suriname, alsook het webportaal van het Bureau voor de Staatsschuld. De monetaire reserves worden al geruime tijd door economen en politici nauwlettend in de gaten gehouden, daar die reserves in vrij korte tijd zijn gekelderd van circa U$ 1 miljard naar zo’n US$ 600 miljoen. Het is evident dat de monetaire reserves zwaar onder druk staan en dat er een dalende trend waarneembaar is, omdat er regelmatig op de valutamarkt geïntervenieerd moet worden door de moederbank. Het is algemeen bekend dat er een laag aanbod van Amerikaanse dollars is, wat te verklaren is door de heersende schaarste en grotere vraag bij handelaren, de prangende onzekerheid die er heerst en het verkwistend beleid van de regering. Onlangs werd bekend dat het telecommunicatiebedrijf Telesur voortaan een omrekeningskoers van SRD 3,35 in plaats van SRD 3,25 voor de Amerikaanse dollar zal hanteren. Voorts komt steeds duidelijker naar voren dat het bedrijfsleven steen en been klaagt over een prangende schaarste aan dollars en dat de zwarte markt dollarkoers van SRD 3,55 al richting de SRD 3,60 opgaat. In een eerder gesprek met De West verduidelijkte bijzonder hoogleraar, prof. dr. Anthony Caram, welke oorzaken ten grondslag liggen aan het slinken van de monetaire reserves. Caram somde daarbij als belangrijkste oorzaken op dat onze exportinkomsten flink onder druk staan vanwege de terugval in de wereldmarktprijzen van goud en olie. Hierdoor is er voor de moederbank nog weinig ruimte voor de voortzetting van de interventies op de valutamarkt om de wisselkoers zo stabiel mogelijk te houden. De internationale reserves zijn immers sinds het bereiken van hun hoogtepunt in 2011 met 40% geslonken en belopen nu nog slechts ongeveer drie maanden invoer van goederen en diensten. Volgens Caram wordt dit percentage wordt internationaal gezien als een minimum voor ondersteuning van het vertrouwen in de stabiliteit van de geldwaarde.

More
articles