President Irfaan Ali heeft opnieuw benadrukt dat Guyana vasthoudt aan de ontwikkeling van de geplande Corantijnbrug als een gezamenlijk project met Suriname. Volgens hem bestaat er “geen andere officiële positie” binnen zijn regering dan het bestaande bilaterale kader. Volgens de Guyana Chronicle verklaarde president Ali tijdens een ontmoeting met journalisten op woensdag, dat hij geen officiële communicatie heeft ontvangen, waaruit blijkt dat de afspraken tussen beide landen zijn gewijzigd. Volgens hem blijft het project, op basis van de huidige overeenkomsten, een gedeeld initiatief van Guyana en Suriname. “Ik heb niets officieel ontvangen, behalve wat in de media is verschenen”, zei hij, eraan toevoegend dat er mogelijk informeel contact is geweest via het ministerie van Financiën, maar dat dit geen wijziging van het officiële standpunt betekent. “De Corantijnbrug is een brug die gezamenlijk wordt besproken. Het is een gezamenlijk project van de regering van Guyana en de regering van Suriname, en zo zal het blijven.”
De president benadrukte dat elke wijziging in het huidige kader via officiële diplomatieke kanalen moet verlopen. Pas wanneer dat gebeurt, zal zijn regering zich erover uitlaten. “Guyana is geïnteresseerd in een project dat twee soevereine gebieden op gezamenlijke wijze verbindt. Dat is altijd ons standpunt geweest. Er ligt geen ander standpunt voor mij”, aldus Ali.
Hij voegde eraan toe dat, indien er wel een formeel verzoek komt tot wijziging van de afspraken, hij daar “beslist” op zal reageren. De uitspraken komen tegen de achtergrond van signalen uit Suriname dat het land mogelijk overweegt om de brug volledig zelfstandig te financieren en uit te voeren. Dat standpunt is nog niet officieel via diplomatieke kanalen bevestigd.
De geplande Corantijnbrug moet ongeveer 3,1 kilometer lang worden en de verbinding vormen tussen Moleson Creek in Guyana en South Drain in Suriname, met een landingspunt op Long Island in de Corantijnrivier. Guyana heeft al GY$5 miljard (circa USD23,9 miljoen) in de nationale begroting gereserveerd voor het project. In 2022 ondertekenden beide landen een contract ter waarde van USD 2 miljoen voor de haalbaarheidsstudie en het ontwerp van de brug, als eerste stap richting een vaste oeververbinding die de regionale handel en connectiviteit moet versterken.

