UNESCO prijst Suriname voor beheer Jodensavanne, maar dringt aan op duurzaam financieel plan

De Werelderfgoedcommissie van UNESCO heeft op woensdag 23 juli jongstleden, Suriname geprezen voor het veiligstellen van donorgelden voor het behoud en beheer van de archeologische site Jodensavanne, maar stelt tevens, dat Suriname een duurzaam financieel plan dient te ontwikkelen.

Tijdens haar 47e zitting stelde de commissie vast dat de financiering voor lopende activiteiten op de site voorlopig is gegarandeerd, maar dat er structurele middelen nodig zijn om het erfgoed op termijn te behouden. UNESCO vraagt Suriname om aanvullende fondsen te werven en een stabiel beheermodel te ontwikkelen.

Een eerder voorgestelde aanwijzing van het gebied als Speciale Beschermde Boszone kon niet worden uitgevoerd, omdat het terrein geen staatseigendom is. UNESCO spoort de overheid aan, alternatieve beschermingsmaatregelen te overwegen voor het kwetsbare landschap rond de site.

De commissie verwelkomde verschillende initiatieven, waaronder een digitale databank voor archeologische vondsten en plannen voor een publiek toegankelijke webarchief.

Binnen het Paramaribo Urban Rehabilitation Program (PURP II), gefinancierd door de Inter-Amerikaanse Ontwikkelingsbank, wordt momenteel gewerkt aan een commerciële strategie om het terrein op termijn zelfvoorzienend te maken, evenals aan een risicobeheersplan, een bestemmingsplan en een draagkrachtstudie. UNESCO verzoekt Suriname deze documenten in te dienen zodra ze gereed zijn.

Ook is de commissie te spreken over de samenwerking met lokale belanghebbenden, vrijwilligers en inheemse gemeenschappen in het beheer en de promotie van de site. Er loopt tevens een onderzoek naar culturele uitwisseling tussen de verschillende bevolkingsgroepen die in de 17e en 18e eeuw op Jodensavanne samenleefden.

UNESCO benadrukt voorts het belang van verder archeologisch onderzoek naar de nederzetting bij Cassiporakreek, en moedigt het Surinaamse erfgoedteam aan om op basis daarvan, een voorstel tot kleine grenswijziging in te dienen. Verder wordt gevraagd te verifiëren of de resten die in september 2024 zijn aangetroffen bij graafwerkzaamheden bij Jodensavanne, afkomstig zijn van de voormalige militaire post Gelderland. Indien dat het geval is en de resten binnen de erfgoedsgrenzen vallen, moet Suriname deze informatie met foto’s en kaarten aanleveren.

De commissie herinnert de overheid eraan dat alle grote projecten die de Uitzonderlijke Universele Waarde (OUV) van het gebied kunnen beïnvloeden, vooraf moeten worden gemeld bij het Werelderf-goedcentrum.

Tot slot vraagt UNESCO aandacht voor het toezicht op de vegetatie op de site. Door vallende bomen kunnen archeologische structuren beschadigd raken. Preventieve maatregelen zijn volgens de commissie, noodzakelijk.

Suriname wordt verzocht om uiterlijk 1 december 2027 een voortgangsrapport in te dienen over de staat van behoud en uitvoering van de aanbevelingen.

More
articles