Ruim een week geleden heeft de Russische misdadiger Vladimir Putin, die toevalig president van Rusland is, de opdracht aan de strijdkrachten gegeven, een invasie in Oekraïne te plegen. De verbeten strijd tussen Russische militairen en Oekraïense strijdkrachten duurt nu reeds langer dan een week en heeft tot gevolg, dat meer dan 600.000 mensen uit Oekraïne naar aangrenzende landen zijn gevlucht. Een deel van Europa staat wederom in brand . Opnieuw is daar één man verantwoordelijk voor en kan de zaak in Europa weer goed uit de hand lopen. Laten we daarom bidden dat er toch een spoedige oplossing komt en de vijandelijkheden worden beëindigd, want als er een verergering optreedt en er daardoor veel meer bloed zal vloeien, zullen wij ook in Suriname, daar de nadelige gevolgen van ondervinden. Niet dat wij direct of indirect bij de strijd betrokken zullen worden, maar wél zullen we te maken krijgen met de economische en financiële gevolgen van deze strijd in Oekraïne. Nu reeds is er grote onrust op de oliemarkt en is de aardolieprijs per barrel internationaal boven de 100 dollar geklommen. Ook de gasprijzen zijn internationaal toegenomen. Alleen al deze twee stijgingen hebben grote gevolgen voor de prijzen van andere goederen wereldwijd. Goederen die wij voor een groot deel uit Europa importeren, zullen zonder enige twijfel, duurder worden. Ook zal men in Europa vermoedelijk te maken krijgen met tekorten van verschillende producten en zal de vraag het aanbod overtreffen. De prijsaanpassingen zullen dan ook wijdverspreid voorkomen en aan ons worden geoffreerd. Het is inmiddels bekend dat de prijzen voor graan omhoog zijn gegaan en dat kan zeker in verband worden gebracht met de gestegen prijzen voor brandstof en het zeetransport. Deze prijzen worden dan keihard aan ons doorberekend en dat valt dan ook gelijk te merken in onze broodprijs, de prijs voor een portie bami en of roti. Aan deze stijgingen kan een regering, hoe graag ze dat ook zou willen, maar heel weinig doen. Ook in ons land zijn de brandstofprijzen toegenomen en die hebben tot gevolg, dat goederen en diensten, ook hier duurder zijn geworden. De externe inflatie maakt dat ons maandelijks bestedingspakket ook verder onder druk komt te staan en als uitermate knellend zal worden ervaren. En natuurlijk zijn er wederom mensen, die om puur politieke overwegingen, met de beschuldigende vinger gemakshalve naar de regering wijzen. Aan het extern duurder worden van goederen en diensten, kan onze regering niets doen. Wij moeten gewoon meer gaan verdienen en dat kan alleen door een verhoogde productie en dan in het bijzonder die op export is gericht. We kunnen eindeloos op een onterechte wijze blijven inhakken op de beleidsmakers, maar in dit geval, hebben de prijsverhogingen van essentiële levensbehoeften, niets te maken met bijvoorbeeld een stijgende wisselkoers of speculatieve handelingen binnen met name de handel, maar zeker wél met externe factoren. Wij zullen wederom met zijn allen genoeg veerkracht moeten tonen om ook deze zeer moeilijke periode te overbruggen. Raaskallen en de regering van alles de schuld geven, zal ons geen steek helpen en de ontstane situatie zeker niet doen verbeteren.


