RIJ- EN VOERTUIGENBELASTING AVERSIE

Vanwege de regering Bouterse en in het bijzonder het ministerie van Financiën, wordt van alle bezitters van rij- en voertuigen verwacht dat ze voor het einde van de maand februari, hun rij- en voertuigenbelasting naar categorie van hun transportmiddel, hebben voldaan. De overheid heeft door middel van het plaatsten van advertenties in de media, duidelijk gemaakt hoe groot het bedrag zal moeten zijn voor het voertuig dat de automobilist bezit. De tarieven zijn daarbij gestoeld op het gewicht van het rij- en voertuig. De bedragen die de bevolking werden voorgeschoteld, zijn niet mals en voor velen maar heel moeilijk of niet op te brengen. Ook zijn velen van mening, dat er een discrepantie bestaat tussen de tarieven die berekend en gepresenteerd zijn tussen bepaalde rij- en voertuigen en dat die daardoor als onredelijk kunnen worden aangemerkt. Bij de meeste bezitters van automobielen en motorfietsen heerst een enorme aversie tegen deze vorm van belasting, omdat men van mening is en blijft, dat de overheid al genoeg belastingpenningen opstrijkt uit de government take op brandstoffen en dat de rij- en voertuigenbelasting de zoveelste maatregel is om het volk een beentje te lichten. Dat velen tot het laatste moment hebben gewacht om aan deze fiscale maatregel te kunnen voldoen, is het bewijs dat men met heel veel tegenzin dit verzwarende bedrag wenst neer te tellen. De regering Bouterse schijnt zich helemaal niet te storen aan wat daadwerkelijk leeft bij het overgrote deel van de bevolking en blijft maar financieel plukken Ze stoort zich niet aan de wijdverbreide protesten van maatschappelijke groeperingen en ook heeft ze geen welwillend oor voor de wensen uit de transportsector, die gevrijwaard wil worden van het betalen van deze extra en zwaar drukkende belasting. Zelfs een kort geding bij de rechter heeft de regering er niet van kunnen weerhouden de rij- en voertuigenbelasting per 1 maart 2019 keihard door te drukken en hierdoor wederom geen rekening te houden met de verdere verarming van dit volk. Dat deze regering zaken niet goed weet te organiseren en vlekkeloos tot in de finesses doet verlopen, blijkt wel uit het feit dat het punitieve gedeelte, dat zeker bij een dergelijke wet hoort, niet goed of heel slecht geregeld is. Wanneer een wet in werking treedt, is het van groot belang dat men controle op de naleving heeft en ook bestraffend kan optreden wanneer men hem doelbewust overtreedt. In het geval van de rij- en voertuigenbelasting heeft naar verluidt, in ieder geval de politie van hogerhand geen duidelijke instructies gekregen hoe op te treden tegen bezitters van rij- en voertuigen die na 28 februari 2019 nog geen belasting hebben betaald en zich toch op de openbare weg begeven. De politie en andere ambtenaren belast met de inning van belastingen, zouden toch op zijn minst bestraffend moeten kunnen optreden en daarvoor de benodigde en voorgedrukte formulieren ter hand gesteld moeten worden? Voor zover ons bekend, beschikt zeker de politie nog niet over het benodigde materiaal om slagvaardig te kunnen werken. Nu reeds kan worden gesteld dat het ministerie van Financiën bij het doorvoeren van deze nieuwe belastingwet, voor een essentieel deel zich schuldig heeft gemaakt aan nattevingerwerk. Zolang het niet duidelijk is wat de gevolgen zijn voor de bezitters van rij- en voertuigen die de belasting niet hebben voldaan, zullen de inkomsten niet overeenstemmen met de verwachtingen van deze overheid. Waar ze wel rekening mee dient te houden, is dat er een enorme aversie bestaat bij de bevolking tegen de steeds verdere verzwaring van de belastingdruk, zoals nu opnieuw toegepast door de regering Bouterse.

More
articles