BRANDWEER ALTIJD STIEFMOEDERLIJK BEHANDELD

De brandweerpost te Nieuw-Amsterdam zou al maanden niet meer beschikken over een inzetbaar voertuig. Dat blijkt uit een Facebook-bericht met een foto van de post, gedateerd 4 oktober 2026. Volgens het bericht, verkeert het wagenpark van het Korps Brandweer Suriname, momenteel in een slechte staat en zou de situatie in het verleden, beter zijn geweest. Als deze informatie klopt, roept dit ernstige vragen op over de paraatheid van de brandweer in Commewijne. Een brandweerpost is immers bedoeld om bij een brand of andere calamiteit, snel te kunnen uitrukken. Wanneer een post langdurig zonder voertuig zit, kan dat betekenen dat een andere post moet worden ingeschakeld of dat kostbare tijd verloren gaat, voordat hulp ter plaatse is.

Juist bij brandbestrijding kan tijd een bepalende factor zijn. Een kleine brand kan zich in korte tijd ontwikkelen tot een grote brand, terwijl een ongeval of andere calamiteit, eveneens direct optreden vereist. De aanwezigheid van personeel alleen is daarom niet voldoende. Zonder goed onderhouden en inzetbare voertuigen en materieel, kan een brandweerpost haar taak niet goed uitvoeren. De situatie in Nieuw-Amsterdam roept dan ook een bredere vraag op over het wagenpark van het Korps Brandweer Suriname. Hoeveel voertuigen zijn momenteel operationeel? Hoeveel zijn er buiten gebruik vanwege technische problemen of een gebrek aan onderdelen? En hoe lang wachten de verschillende posten al op vervanging of reparatie van hun voertuigen? Dat dit probleem niet pas aangepakt moet worden wanneer er zich een grote brand voordoet, behoeft nauwelijks betoog. Toch lijkt het overheidsbeleid op dit punt nog te vaak neer te komen op handelen, wanneer het kwaad al is geschied. Wanneer het kalf verdronken is, dempt men de put. Brandweerzorg is een publieke basisvoorziening waarbij preventief onderhoud, tijdige vervanging en voldoende operationeel materieel onderdeel moeten zijn van de reguliere planning. Voertuigen hebben een beperkte levensduur en moeten uiteindelijk worden vervangen. Daarvoor moet tijdig worden begroot en gereserveerd. Voor inwoners van Nieuw-Amsterdam en de omliggende gebieden is vooral van belang dat zij erop kunnen vertrouwen dat de brandweer daadwerkelijk kan uitrukken wanneer dat nodig is. De afstand tot Paramaribo maakt een goed functionerende lokale brandweerpost daarbij des te belangrijker. De situatie in Nieuw-Amsterdam staat bovendien niet op zichzelf, maar benadrukt wat wij al jaren weten: de brandweer is door opeenvolgende regeringen en volksvertegenwoordigers te vaak stiefmoederlijk behandeld. Dit essentiële veiligheidskorps lijkt binnen het nationale veiligheidsbeleid onvoldoende prioriteit te krijgen, terwijl het dagelijks verantwoordelijk is voor de bescherming van mensenlevens, eigendommen en de openbare veiligheid. Een organisatie die bij branden, ongevallen, rampen en andere calamiteiten moet optreden, behoort over de middelen te beschikken om die verantwoordelijkheid daadwerkelijk te kunnen dragen. De staat van de hoofdkazerne vormt daarvan een schrijnend voorbeeld. Het gebouw zou in een zorgwekkende staat verkeren, met scheuren en ernstige wateroverlast bij geringe regenval. Daarnaast beschikt de brandweer naar verluidt niet over een adequate hydraulische hefvoorziening om voertuigen veilig en professioneel te onderhouden en te repareren. Dit zijn geen bijzaken die naar believen kunnen worden doorgeschoven. Een gebrekkige werkomgeving en ontoereikende technische voorzieningen kunnen het onderhoud bemoeilijken, de inzetbaarheid van voertuigen onder druk zetten en risico’s opleveren voor het personeel dat dagelijks klaar moet staan om anderen te helpen. Ook de structureel beperkte begrotingsmiddelen voor de brandweer verdienen daarom aandacht. Wanneer jaar na jaar onvoldoende wordt geïnvesteerd in gebouwen, voertuigen, onderhoud en technische voorzieningen, kan dat niet uitsluitend worden afgedaan als een operationeel probleem. Het is tevens een kwestie van bestuurlijke keuzes en politieke verantwoordelijkheid. De regering stelt de beleidsprioriteiten en de begroting op, terwijl De Nationale Assemblée deze middelen beoordeelt en controle uitoefent op de uitvoering van het beleid. Daarmee dragen beide staatsmachten verantwoordelijkheid voor de vraag of de brandweer voldoende wordt gefaciliteerd om haar wettelijke en maatschappelijke taken te vervullen.

Het contrast met andere gebouwen binnen het veiligheids- en justitieapparaat is bovendien opvallend. Terwijl de hoofdkazerne van de brandweer volgens de beschikbare informatie steeds verder achteruitgaat, wordt het naastgelegen gebouw van het Openbaar Ministerie verbouwd en verrijst op korte afstand een nieuw Hoofdbureau van Politie. Investeringen in politie en justitie kunnen uiteraard noodzakelijk zijn. De vraag is echter, waarom de fysieke en operationele behoeften van de brandweer kennelijk niet met dezelfde urgentie worden aangepakt. Een evenwichtig veiligheidsbeleid vraagt om meer dan investeringen in zichtbare gebouwen en organisaties. Ook de capaciteit om branden te bestrijden, levens te redden en de gevolgen van rampen te beperken, moet daarin een volwaardige plaats krijgen.

De gevolgen van een structureel tekortschietende brandweerzorg kunnen aanzienlijk zijn. Bij grote woningbranden, industriële incidenten, verkeersongelukken of andere grootschalige calamiteiten kunnen gebrekkige voertuigen, onvoldoende materieel en beperkte technische voorzieningen de mogelijkheden om snel en effectief op te treden ernstig beperken. Daarmee worden niet alleen brandweerlieden aan grotere risico’s blootgesteld, maar ook burgers die afhankelijk zijn van tijdige hulp. Wanneer de brandweer bij een ernstige calamiteit niet over de noodzakelijke middelen beschikt, mag de verantwoordelijkheid daarvoor achteraf niet uitsluitend bij de uitvoerende organisatie of haar personeel worden gelegd. Ook de beleidsmakers die jarenlang verantwoordelijk waren voor de beschikbare middelen en investeringen, moeten daarop aanspreekbaar zijn. De foto van de post in Nieuw-Amsterdam zou daarom aanleiding moeten zijn voor meer dan reacties op sociale media. Als de post inderdaad al maanden zonder inzetbaar voertuig zit, verdient het publiek duidelijkheid over de oorzaak, de tijdelijke oplossing en de termijn waarop de post weer volledig operationeel zal zijn. Daarnaast is een landelijk overzicht nodig van de staat van het wagenpark, de technische voorzieningen, de huisvesting en de personele en financiële behoeften van de verschillende posten. Zonder een helder beeld van de bestaande tekorten en een concreet plan om deze weg te werken, dreigt het beleid opnieuw te blijven steken in incidentele oplossingen.

De brandweer is geen luxe voorziening en mag evenmin worden behandeld als een tweederangs veiligheidsorganisatie. De brandweer is een onmisbare schakel in de bescherming van de samenleving. De staat waarin dit korps verkeert, weerspiegelt mede de prioriteiten die opeenvolgende regeringen en volksvertegenwoordigers aan de nationale veiligheid hebben toegekend. Het is daarom onverantwoord om te wachten totdat een grote calamiteit de tekortkomingen op pijnlijke wijze blootlegt. De noodzakelijke investeringen in voertuigen, materieel, huisvesting en onderhoud moeten nu worden vastgelegd en uitgevoerd, want de prijs van jarenlang uitgesteld beleid kan uiteindelijk worden betaald met mensenlevens.

More
articles