Een nieuw schooljaar hoort voor leerlingen te beginnen met boeken, lessen en nieuwe kansen. In Suriname begint het voor sommige gezinnen echter met onzekerheid, namelijk met de vraag: is er wel een plaats voor mijn kind? Dat leerlingen na de start van het schooljaar nog steeds op een plek in de schoolbank wachten, is meer dan een organisatorisch probleem. Het roept vragen op over de manier waarop het onderwijs wordt gepland. Onderwijsminister Dirk Currie heeft in De Nationale Assemblée aangegeven, dat nog niet alle leerlingen zijn geplaatst. Volgens de berichtgeving waren van de 779 leerlingen die zich tijdens de eerste registratieronde hadden aangemeld, 550 geplaatst. Voor de overige 229, moest nog een oplossing worden gevonden. Daarnaast bleven ook na de start van het schooljaar, nieuwe aanmeldingen binnenkomen. Natuurlijk kunnen er omstandigheden zijn die niet volledig te voorspellen zijn. Gezinnen verhuizen, leerlingen melden zich later aan, en niet iedere leerling kan zonder meer op de school van de eerste keuze een plek bemachtigen. Maar juist daarom bestaat er een registratiesysteem.
Dat systeem moet de overheid in staat stellen, vooraf zicht te krijgen op de behoefte aan schoolplaatsen, leerkrachten en lokalen.
Currie had eerder benadrukt dat tijdige registratie nodig was om te bepalen, hoeveel personeel en klaslokalen per school noodzakelijk zouden zijn. Dat maakt de huidige situatie extra pijnlijk. Als de overheid vooraf weet hoeveel leerlingen zich hebben aangemeld, moet zij ook kunnen uitleggen, welke voorbereidingen op basis van die informatie zijn getroffen en waarom die niet voldoende waren. Het probleem wordt bovendien groter, wanneer leerlingen slechts om de dag les kunnen volgen of wanneer scholen onvoldoende vakleerkrachten hebben. Een leerling kan formeel zijn geplaatst, maar daarmee is nog niet gegarandeerd, dat hij of zij volwaardig onderwijs krijgt. De verantwoordelijkheid mag niet volledig bij ouders worden gelegd. Tijdig aanmelden is belangrijk, maar het ministerie moet ook zorgen voor een systeem, waarin aanmeldingen worden verwerkt, tekorten vroeg worden gesignaleerd en oplossingen worden voorbereid nog voor de lessen beginnen. Daarbij moet worden vastgesteld, welke problemen ontstaan uit late aanmeldingen en welke het gevolg zijn van onvoldoende capaciteit of planning. Zonder die duidelijkheid blijft het gemakkelijk om verklaringen te geven, zonder de kern van het probleem aan te pakken of erkennen. Een schooljaar begint niet pas wanneer de minister de openingsdatum bekendmaakt, we weten dat het traditie is dat de school in Suriname op 1 oktober begint. Het begint met maandenlange voorbereiding, afstemming met scholen en het tijdig beschikbaar maken van mensen en middelen. Geen enkel kind mag het gevoel krijgen dat zijn toekomst afhankelijk is van een plaats die de overheid misschien nog ergens zal vinden. Onderwijsplanning moet problemen vóór de eerste schooldag helpen voorkomen, niet pas erna proberen te herstellen.

