Melvin Bouva, minister van Buitenlandse Zaken, Internationale Handel en Samenwerking heeft gisteren tijdens een samenkomst met enkele mediawerkers na de vergadering van de Raad van Ministers, gereageerd op vragen inzake de positie van Xaviera Jessurun bij de Organisatie van Amerikaanse Staten (OAS).
Bouva zei dat een medium eerder op de dag berichtte dat de Verenigde Staten het diplomatiek visum van Jessurun hebben ingetrokken, vanwege een strafrechtelijk onderzoek dat tegen haar loopt in Suriname. Volgens het medium heeft zij naar aanleiding daarvan, haar ontslag ingediend bij de OAS.
Bouva bevestigde dat de Amerikaanse autoriteiten het diplomatiek visum van Jessurun, hebben ingetrokken. Hij ging niet in op de redenen die aan het besluit, ten grondslag liggen. “Ik kan bevestigen dat het bericht officieel is binnengekomen, dat het diplomatiek visum van mevrouw Jessurun door de Amerikaanse autoriteiten is ingetrokken. Dat is een besluit dat zij op basis van hun eigen overwegingen hebben genomen. Wij hebben daarvan kennisgenomen en de nodige aantekeningen gemaakt”, aldus de minister.
Hij benadrukte, dat Jessurun haar functie bij de OAS op persoonlijke titel vervulde. Volgens hem moet de kwestie daarom niet worden gezien als een aangelegenheid van de Surinaamse staat. “Ik geloof niet dat we deze kwestie groter moeten maken dan zij is. Het gaat om een persoon met een relatie tot Suriname, die op persoonlijke titel werkzaam was bij de OAS als stafchef op het bureau van de secretaris-generaal’’, stelde Bouva. ‘’Die aanstelling staat volledig los van de Surinaamse overheid.’’
Wel zei Bouva dat dergelijke ontwikkelingen, gevolgen kunnen hebben voor het imago van Suriname, ‘’omdat het een Surinaamse staatburger betreft, die een prominente functie bekleedde binnen een internationale organisatie’’. Hij wees erop dat zorgvuldig moet worden omgegaan met personen die namens of met documenten van Suriname, in het buitenland opereren.
Jessurun maakte eerder zelf bekend, dat zij haar functie als kabinetschef van de secretaris-generaal van de OAS per direct heeft neergelegd. Volgens haar is dit het gevolg van de druk die ontstond nadat haar visum, evenals de aan haar functie verbonden privileges en immuniteiten, waren ingetrokken.
Op de vraag of Jessurun nog werkzaam is bij het ministerie van Buitenlandse Zaken, maakte Bouva duidelijk, dat daarvan geen sprake is. “Mevrouw Jessurun was niet tewerkgesteld op het ministerie van Buitenlandse Zaken. Er bestaat geen enkele arbeidsrelatie tussen haar en het ministerie. Buiten haar persoonlijke aanstelling bij de OAS, is er geen formele relatie tussen mevrouw Jessurun en de Staat Suriname”, aldus Bouva.

