De Suriname Economic Oversight Board (SEOB), stelt in zijn 25e bulletin, dat de opwaartse inflatietrend zich in 2025 onverminderd heeft voortgezet. Na een stijging tot circa 10 procent in juli, liep de inflatie in augustus verder op naar 10,8 procent, waarmee opnieuw sprake was van een tweecijferig inflatiecijfer. Deze ontwikkeling vergroot de druk op zowel consumenten als bedrijven en benadrukt de noodzaak van gerichte maatregelen om prijsstabiliteit te waarborgen.
Volgens de SEOB werd de inflatie in augustus voornamelijk veroorzaakt door een verdere depreciatie van de wisselkoers. Ook in september zette deze trend door, waarbij de USD met 0,5 procent en de euro met 0,4 procent in waarde stegen ten opzichte van de Surinaamse dollar, SRD. Deze beweging hangt samen met een toegenomen vraag naar vreemde valuta, terwijl aanhoudende onzekerheid extra druk uitoefent op de wisselkoers.
De monetaire ontwikkelingen droegen eveneens bij aan deze dynamiek. De SRD-component van de basisgeldhoeveelheid nam in augustus 2025 toe met 1,8 procent. Deze groei was voornamelijk het gevolg van netto transacties van de overheid, waaronder lopende uitgaven, ondanks inspanningen van de Centrale Bank van Suriname (CBvS), om liquiditeiten te absorberen via open-marktoperaties en valutaveilingen. De extra geldcirculatie had een merkbaar effect op de wisselkoers.
Daarnaast groeide het SRD-aandeel van de liquiditeitenmassa in augustus met ongeveer 5,8 procent, tegenover 3,3 procent in juli. Deze toename wordt grotendeels toegeschreven aan verhoogde overheidsuitgaven en een groei van de kredietverlening aan de private sector. De SEOB waarschuwt dat het aanhouden van deze ontwikkeling zonder aanvullende monetaire verkrapping kan leiden tot een verdere inflatoire druk en grotere volatiliteit op de valutamarkt, wat het macro-economisch evenwicht onder druk zet. Tegelijkertijd laten de cijfers voor economische bedrijvigheid een gematigd positief beeld zien. De maandelijkse index voor economische bedrijvigheid van de CBvS wijst op lichte groei in de eerste helft van 2025. Over de periode mei 2024 tot en met april 2025, vergeleken met dezelfde periode een jaar eerder, bedroeg de groei ongeveer 0,5 procent. Deze werd vooral gedragen door de handel en de transportsector, terwijl de industriële sector een remmende invloed had, met name als gevolg van een lagere goudproductie.
De internationale reserves bleven in augustus 2025 op een relatief solide niveau. Het totaal aan reserves, inclusief die van de commerciële banken, bedroeg circa 1,55 miljard USD, goed voor een importdekking van ongeveer 7,2 maanden. Daarmee blijft Suriname ruim boven de internationaal gehanteerde minimumvereiste van drie maanden. Ten opzichte van juli was sprake van een lichte stijging van 0,3 procent. De SEOB benadrukt dat het bewaken van deze reservepositie essentieel blijft voor wisselkoersstabiliteit, het opvangen van externe schokken en het vertrouwen in het macro-economisch beleid.
Op het gebied van de overheidsfinanciën signaleert de SEOB een verdere toename van de staatsschuld. In augustus 2025 steeg de schuldquote volgens de internationale definitie naar 88,3 procent van het bruto binnenlands product, een toename van 3,7 procentpunt ten opzichte van de voorgaande maand. Daarmee blijft de staatsschuld ruim boven het wettelijk vastgestelde plafond van 60 procent van het bruto binnenlands product (bbp). Bij aanhoudende overheidstekorten verwacht de SEOB dat de schuld in de komende maanden verder onder druk zal blijven staan, wat de noodzaak onderstreept van actief en deskundig schuldbeheer gericht op het beheersen van looptijden, rentelasten en risico’s.
De bankensector liet in augustus opnieuw een overwegend gezond beeld zien. De gemiddelde leenrente bleef stabiel op een hoog niveau van 14,5 procent, terwijl de gemiddelde spaarrente uitkwam op 6,5 procent. De solvabiliteitsratio daalde licht naar 22,3 procent, maar bleef ruimschoots boven de internationaal aanvaarde norm van 8 procent. Het aandeel niet-renderende leningen bedroeg 3,1 procent en lag daarmee ruim onder het door de Centrale Bank vastgestelde maximum. Vergeleken met 2024 is sprake van een duidelijke verbetering, die volgens de SEOB samenhangt met de uitvoering van asset quality reviews door banken en een verbeterde terugbetaalcapaciteit van kredietnemers. Tegelijkertijd blijft scherp risicobeheer noodzakelijk om de financiële stabiliteit te waarborgen in een omgeving van hoge rentes en aanhoudende economische onzekerheid.


