Vrouwen rechtvaardigen controlerend gedrag mannen

Hoewel de meeste vrouwen het erover eens zijn dat mannen en vrouwen het gezag in het gezin moeten delen en dat vrouwen geen gewelddadige behandeling van hun partner verdienen, is de ongelijkheid tussen partners nog steeds diepgeworteld en zijn er vrouwen die het controlerend gedrag van hun partner rechtvaardigen. Dit blijkt uit het eerste onderzoek naar de gezondheid van vrouwen in Suriname, dat in 2018 werd uitgevoerd door de Inter-American Development Bank (IDB) in samenwerking met het ministerie van Justitie en Politie en de commissie Huiselijk Geweld. Het onderzoek is gedaan onder 1500 vrouwen in de leeftijdsklassen van 15-64 jaar. Het onderzoek heeft uitgewezen dat 32 procent van de vrouwen op een bepaald moment in haar leven, fysiek of seksueel misbruikt is geworden door een mannelijke intieme partner.
Mannen vertonen controlerend gedrag naar hun partner, bijvoorbeeld als zij met een andere man praat, continu willen weten wat ze doet en waar ze is, het controleren van de telefoon, het niet mogen hebben van vriendinnen, beperkt contact met familie en het niet vertrouwen van de partner met geld. Vrouwen die het controlerend gedrag van hun partner rechtvaardigen, geven aan dat dit komt, omdat ze de kinderen verwaarlozen (8,9%), uitgaan zonder hem te zeggen (3,2%), seks weigeren (0,6%), het eten hebben laten aanbranden (1,5%) en ruzie met hem maken (2%).
Het controlerend gedrag verandert gauw in Intiem Partner Geweld (IPV). De kans op IPV is hoger voor vrouwen van wie de partners werkloos waren, substantiële gebruikers waren van alcohol en drugs en in de leeftijd van 35-44 jaar en 15-24 jaar zijn. De kans is ook hoog voor vrouwen met partners die eerdere relaties hadden of partners die geen kinderen hadden met hun vorige partners. De algemene triggers voor mannen om geweld te gebruiken zijn verschillend, maar jaloezie, bewijzen wie de baas is, dronkenschap, geen reden, ongehoorzaamheid en financiële problemen, zijn de voornaamste redenen. Ook het weigeren van seks en familieproblemen kunnen leiden tot intiem partnergeweld.
Subjectieve en objectieve gezondheids- en welzijnsmetingen tonen aan, dat slachtoffers van fysiek en seksueel partnergeweld slechter af zijn in vergelijking met hen die geen slachtoffer zijn. Zij hebben meer pijn, meer moeite met normaal functioneren, slechte mentale gezondheid en een hogere kans dat hun inkomensverdienende activiteiten in gevaar worden gebracht. 29% van de slachtoffers van fysiek geweld, is ooit gewond geraakt als gevolg van het geweld. De meeste slachtoffers (62%) gaan pas voor hulp naar een officiële instantie als zij het niet meer aankunnen. Daarnaast zijn bedreigingen en de vrees om vermoord te worden, ook motieven om hulp te zoeken. Slechts 6,3% stapt naar de politie.
De meeste vrouwen vertellen hun probleem aan niemand of aan hun moeder. De meeste vrouwen hebben geen hulp gehad (58%), 14% kreeg hulp van de ouders, 10% van de politie en 8% van broers en zussen of familie van de partner. In 40% van de gevallen heeft het bieden van tegenstand een einde gebracht aan het geweld. In 15% is er geen verandering gekomen in de situatie, in 24% van de gevallen is het erger geworden en in 21% van de gevallen minder. Het niet verlaten van een gewelddadige partner, vloeit voort uit: liefde voor de partner, de perceptie dat het geweld normaal of niet serieus was, de kinderen niet willen verlaten en de veronderstelling dat de partner zal veranderen.

door Priscilla Kia

More
articles