October 7, 2019


OM werkt aan alternatieve straffen jeugdigen


October 7, 2019

Het Openbaar Ministerie (OM) heeft de eerste stap gezet in het formuleren van alternatieve straffen die verplicht opgelegd kunnen worden met betrekking tot de jeugdberechting. Dit zei procureur-generaal (PG) Roy Badjnath Panday, tijdens de opening van het zittingsjaar 2019-2020 van het Hof van Justitie. Hij gaf aan dat het om een totaal nieuw traject gaat dat goed voorbereid moet worden. Hiervoor heeft het OM de deskundigheid ingeroepen van het Nederlandse bureau Het Alternatief, meer bekend als Halt-bureau en de jeugdreclassering. In het traject voor alternatieve straffen ten aanzien van jeugdigen, is de medewerking van de Nederlandse ambassade ingeroepen om medewerkers van Halt en de jeugdreclassering beschikbaar te krijgen. Unicef Suriname draagt bij in de reis- en verblijfkosten van de Nederlandse deskundigen en Unicef heeft inmiddels meer budget beschikbaar gesteld voor de verdere ontwikkeling voor onder andere leerprogramma’s voor de jeugdige delinquenten. De PG voegde eraan toe, dat er tegelijkertijd wordt gewerkt aan de verdere inrichting van het Jeugd Correctie Centrum (JCC). Het OM is op zoek naar donoren om de reeds opgezette gebouwen van het JCC verder af te bouwen en in te richten. Badjnath Panday deelde mee, dat de KNVB recentelijk kenbaar heeft gemaakt bereid te zijn om een mini-sportveld op het complex van JCC op te zetten. Het OM is een stap verder in het kader van de EU grant om een inkijkstage voor Vervolgingsambtenaren In Opleiding (VIO’s) in 2020 bij het OM op Curaçao, te kunnen financieren. De PG zei dat de Europese Unie (EU) ook bijdraagt in de middelen die nodig zijn voor projecten binnen het programma van JCC. Een belangrijk deel van het aangevraagde EU-budget is bestemd voor cursussen ten behoeve van de officieren van justitie en de parketsecretarissen alsook de hulpofficieren van justitie. Met de Stichting Juridische Samenwerking Suriname Nederland (SJSSN), zijn er afspraken gemaakt om het OM te assisteren bij de uitvoering van de cursusmodules. door Johannes Damodar Patak