CORRUPTOCRATIE

De Republiek Suriname kan gerust als een corruptocratie worden gebrandmerkt, omdat de machthebbers corrupt zijn en daar ook bewijs over is geleverd. We kunnen dan wel meegewerkt hebben aan een Anticorruptiewet, maar dat wil nog niet zeggen dat die wet in werking is getreden. Ook is het begrijpelijk waarom de machthebbers geen haast maken om deze wet in werking te doen treden, omdat ze er zelf nauwelijks baat bij hebben en in het verleden hebben bewezen zichzelf aan grootschalige corruptie schuldig te hebben gemaakt. Als je zelf geen schone handen hebt, is het dan ook een onmogelijke opgave maatregelen te treffen tegen ondergeschikten die op grote en grove schaal zich corrupt en frauduleus bezig zijn geweest of nog steeds zijn. We geloven daarom zeker ook niet, dat deze regering maatregelen zal treffen tegen personen die vreselijk hebben gestolen tijdens Carifesta en het project Naschoolse Opvang. Al kort na het aantreden van de regering Venetiaan II in 2000, werd in maart 2001 het Rapport van de commissie inventarisatie staatschuld vrijgegeven en daarin werd vermeld, dat er bij de bouw van de bruggen over de Coppename- en Surinameriver op grote schaal was geknoeid en dat er voor tientallen miljoenen Nederlands courant door Ballast Nedam aan steekpenningen waren betaald om voor dit reusachtige civiele werk in aanmerking te komen. Er werd voor de bouw op verzoek van de toenmalige regering Wijdenbosch (1996-2000), door Ballast Nedam zwaar overgefactureerd om voor de bouw van de twee voormelde oeverbindingen in aanmerking te kunnen komen. Oorspronkelijk waren de bruggen voor 130 miljoen Nederlands courant geoffreerd; welke oorzaken ertoe hebben geleid om de aannemingsom naderhand te brengen op 180 miljoen, kon niet door de commissie worden achterhaald. De commissie voor de staatsschuld kon niet achterhalen waar de extra 50 miljoen toentertijd aan besteed was. Maar zoals de leugen en de misleiding snel zijn, de waarheid achterhaalt ze altijd wel en dat is recentelijk wederom in Nederland naar buiten gekomen en bewezen. In Nederland is keihard bewezen hoe corrupt de NDP-regering van Wijdenbosch toen was en dat we thans te maken hebben met dezelfde mensen die destijds betrokken waren bij het Ballast Nedam corruptieschandaal, thans zitten die in het Surinaamse machtscentrum en doen alsof ze de welig tierende corruptie in dit land bereid zijn te bestrijden. In Nederland is eigenlijk bevestigd wat wij al twee decennia weten, en dat is dat er voor de bouw van de twee bruggen smeergelden zijn betaald aan regeringsvertegenwoordigers. Uit Justitieel onderzoek is gebleken, dat maar liefst 34 miljoen Nederlandse gulden werd betaald aan steekpenningen. Een deel van deze gelden zou betaald zijn aan de toenmalige president Jules Wijdenbosch en zijn adviseur van staat, Desi Bouterse, de huidige president van dit land. Ook de naam van de grootondernemer D.S., wordt in dit omkoopschandaal genoemd. Hij zou Wijdenbosch en Bouterse behulpzaam zijn geweest bij de overmakingen van de enorme bedragen aan steekpenningen. De toenmalige financieel-directeur van Ballast Nedam International, Rob Asmus, staat in Nederland terecht voor de verduistering van geld dat hij als steekpenning had moeten uitbetalen, Asmus gaf tijdens de regeerperiode van Wijdenbosch opdrachten voor de betalingen van de steekpenningen. Hij hield er daarvoor een schaduwboekhouding op na die hij in zijn kluis thuis bewaarde. Een deel van de gelden, bestemd voor het betalen van de smeergelden, zou Asmus achterover hebben gedrukt. Asmus die tegenwoordig op Curaçao woont, kan niet meer worden vervolgd voor omkoping, omdat zulks volgens de Nederlandse wetgeving al verjaard is. Het stuitende in deze hele affaire is, dat de smeergelden die boven op het oorspronkelijk geoffreerde bedrag van 130 miljoen Nederlands courant kwamen, uiteindelijk gedurende de regering Venetiaan II, door André Telting en Humphrey Hildenberg moesten worden betaald en dat natuurlijk ten nadele van de staatskas en dus de belastingbetaler. Opbrengsten uit de bauxietsector moesten worden aangewend om de tientallen miljoenen terug te betalen. Een hele zware aderlating voor het in 2000 aantredende kabinet Venetiaan II. Al met al is thans nu ook vanuit Nederland bewezen, dat de corruptie tijdens het kabinet Wijdenbosch er niet minder op was en dat ze vanaf augustus 2010 in alle hevigheid is hervat en nog steeds welig tiert. We moeten ons dan ook geen illusies maken door te denken dat het kabinet Bouterse II corruptie zal willen bestrijden, omdat het gewoon in de aard van het beestje ligt om diefstal en corruptie te plegen.