Gros Surinamers verwerpt Same-sex Marriage

Americas Barometer:

Het leeuwendeel van de Surinaamse bevolking wijst het idee van het doorvoeren van een huwelijk tussen personen van hetzelfde geslacht, categorisch af. Een klein deel, 18,1%, kan zich wel terugvinden in een dergelijk, zogeheten homohuwelijk. Dit blijkt uit deze maand uitgekomen onderzoeksresultaten die onderdeel zijn van de Americas Barometer 2014 opiniepeiling die in 27 landen op het Westelijk Halfrond onder 48.000 respondenten werd verricht. Wetenschappers van de Vanderbilt University (USA) analyseerden onder andere de mate waarin het homohuwelijk goedkeuring en ondersteuning geniet bij burgers in de Nieuwe Wereld. De inwoners van Canada (71,1%), Uruguay (70,6%) en Argentinië (57,5%), landen die reeds het homohuwelijk wettelijk toestaan, staan in onze regio het meest tolerant tegenover zo’n huwelijksverbintenis. Jamaicanen (5,1%), Haïtianen (6,7%) en Guyanezen (7,6%) staan hier tegenover evenwel ronduit afwijzend. Nederland was in 2001 de eerste natie die het burgerlijk huwelijk openstelde voor mensen van hetzelfde geslacht. Sindsdien is er vanuit dit land op een welhaast imperialistische wijze gelobbyd om ook andere landen met vaak totaal andere culturen, deze afwijkende echtvereniging, over te laten nemen.
Inmiddels zijn zo’n twintigtal landen overstag gegaan en hebben ze de wetgeving hiervoor aangepast. Het coûte que coûte en op stel en sprong overal willen doorvoeren van deze Nederlandse uitvinding, heeft mondiaal al tot grote religieuze spanningen geleid. Ook in Nederland is de meerderheid van de strenggelovige Surinamers negatief over homoseksualiteit. Uit het rapport ‘De acceptatie van homoseksualiteit door etnische en religieuze groepen in Nederland’ van het Sociaal en Cultureel Planbureau blijkt, dat met name in kleinere protestantse groepen binnen Surinaamse kringen er een grote weerstand is. Zo kan het homohuwelijk bij Jehova’s getuigen, leden van de pinkstergemeente en gelovigen uit de evangelische broederschap op weinig goedkeuring rekenen. Ook zijn de bezwaren tegen een lesbisch, homo- of biseksueel (lhb) kind in deze religieuze kringen nadrukkelijk aanwezig. Hoewel een grote meerderheid (86%) van de Surinaamse Nederlanders aangeeft dat lhb’s hun leven moeten kunnen leiden zoals zij dat willen en voorstander is van een huwelijk tussen lhb’s (61%), zijn de opvattingen over homoseksualiteit onder Surinaamse streng gelovigen veel negatiever. Zo wijst 85% van de Surinaams-Nederlandse Jehova’s getuigen het homohuwelijk categorisch af. De bezwaren tegen een homoseksueel kind zijn overigens in genoemde religieuze kringen ook sterk aanwezig. Zo zou 66% van de Jehova’s getuigen en 54% van de leden van de pinkstergemeente hiermee moeite hebben. Iets meer dan de helft van de Surinaamse moslims vindt het goed dat homoseksuelen met elkaar mogen trouwen en met name Surinaamse rooms-katholieken staan vrij tolerant tegenover homoseksualiteit. Hindoes staan eveneens overwegend positief ten aanzien van homoseksualiteit, al vindt 41% het problematisch wanneer hun kind een partner zou hebben van hetzelfde geslacht.