De COVID pandemie verandert onze ‘way of living’

In dit artikel richt ik mijn blik op de toekomst, waarbij wereldwijd door technologische toepassingen een bijna volledige digitalisering van de maatschappij plaatsvindt. De opmars van technologische innovaties en het doorvoeren daarvan in alle facetten van ons leven wordt versneld door de Covid pandemie. Heb je niet de beschikking over een mobiele telefoon of laptop met een goede internetaansluiting, dan mis je als mens in veel opzichten de aansluiting met de rest van de wereld en loop je al gauw jaren achter. Ons leven wordt nu in alle opzichten beheerst en beïnvloed door digitale technologie en de pandemie doet daar een schepje bovenop. Waar handelsgeschillen vroeger gingen over staal, aardolie of de prijs van koffie, gaan die nu voornamelijk over technologische uitvindingen en de eigendomsrechten van octrooien of patenten op processen en producten, zoals bijvoorbeeld COVID vaccins. Landen die de beschikking hebben over hoogwaardige technologie en toegang tot data zitten altijd aan tafel bij de ‘groten der aarde’. Met data wordt hier in simpele bewoordingen bedoeld: allerhande persoonlijke en zakelijke gegevens en feiten over ons maar ook (gevoelige) informatie over allerlei bedrijven, organisaties en instellingen. Wie technologische kennis bezit heeft aanzien, macht en zeggenschap. Meestal mag je ook meepraten over de rechten op grondstoffen en mineralen die vrijkomen door smeltende ijskappen in onze poolgebieden en kun je ook meedoen met de stoelendans om de macht in de ruimte? Je kunt stellen dat de ‘koude oorlog’ van weleer zich heeft getransformeerd naar een nieuwe psychologische thriller en dat de traditionele grootmachten in een virtuele kat en muisspel om de wereldheerschappij in data-technologie, zijn verwikkeld. China, Rusland, Noord-Korea en Iran versus Amerika, Europa, de Golfstaten, Japan, India en Israël. De rest van de wereld kijkt passief toe en moet het helaas doen met de kruimels. Niet alleen de strijd om wereldheerschappij in data beheerst het dagelijkse leven van een aardse sterveling, maar ook doodgewone zaken zoals het online in verbinding staan met elkaar. In zijn boek getiteld ‘Technologie de baas’ schetst internetspecialist Joop Hazenberg onder meer een toekomst met een volledig gedigitaliseerde maatschappij voor zich, waar de fysieke en virtuele wereld in elkaar opgaan. “Na de uitvinding van de stoommachine, de introductie van elektriciteit en de komst van de computer en het internet, staan we aan de vooravond van een nieuwe industriële omwenteling die economie en samenleving onherkenbaar zal veranderen. Het tijdperk van de vierde Industriële Revolutie barst los. Dit wordt een tijdperk dat radicaal van karakter is, omdat tal van technologieën tegelijkertijd zijn doorgebroken, zoals kunstmatige intelligentie, robotisering, connectiviteit, 3D-printen, blockchain en nanotechnologie. Door de komst van zo veel nieuwe techniek zal deze Industriële Revolutie een snel toenemende stroom aan innovaties opleveren en bestaande economische en sociale structuren ontregelen (einde citaat). Dit boek heb ik kort na de verschijning gekocht en gelezen en ik zie wel degelijk een verband met de huidige digitale ontwikkelingen. In februari/maart 2020 brak de Covid-19 pandemie uit en sindsdien verandert onze wereld in een moordend tempo. Op vrijwel alle gebieden die ons leven beheersen, is als het ware een digitale revolutie uitgebroken. Onze ‘way of living’ verandert terwijl we erbij staan en naar kijken. Het thuiswerken door kantoorpersoneel, hybride onderwijs (deels online, deels op school), op afstand vergaderen, sporten en anderszins ontspanning zoeken, zijn daar mooie voorbeelden van. Waar psychologen en andere wetenschappers bij gedragsveranderingen praten over kleine stapjes maken, zien we dat de snelle ontwikkeling van de technologie ertoe leidt, dat we tijdens de pandemie in één keer vanuit huis – zeg maar tussen de bloempotten en koffiekannen – ons werk kunnen blijven doen. Enkele jaren terug had niemand dit voor mogelijk gehouden. Dit geldt uiteraard niet voor alle beroepen en sectoren.

In landen met een goede ICT-infrastructuur leidt het op afstand werken en leren tot enorme besparingen op bijvoorbeeld huisvestingskosten (denk hierbij aan de huur van kantoorgebouwen, gas, elektriciteit, waterverbruik, koffie, schoonmaak, papier en kantoorbenodigdheden zoals printers), lagere reiskosten en het afstoten van dure parkeerterreinen en fietsenstallingen. De milieueffecten voor de samenleving zijn positief vanwege de vermindering van files en de lagere uitstoot van broeikasgassen door minder brandstofverbruik.

Thuiswerkende ouders besparen ook op de kosten voor bijvoorbeeld kinderopvang. Daarnaast kunnen ze hun werk en zorgtaken thuis beter combineren, waardoor de kwaliteit van leven een stuk aangenamer wordt. In de rijke landen spelen vakbonden in op de huidige ontwikkelingen. Zo worden in Cao’s tal van nieuwe secundaire arbeidsvoorwaarden (vergoeding voor internet of elektriciteitsverbruik) overeengekomen, om het thuiswerken financieel te faciliteren. Ik kan er zelf over meepraten, want ik zie mijn medewerkers al twee jaar maar één keer per week op kantoor, de overige dagen werk ik vanuit huis en spreek ik ze online. Voor de meeste ontwikkelingslanden is het massaal thuiswerken een brug te ver, omdat er los van de mindere ICT-infrastructuur simpelweg onvoldoende kapitaal voorhanden is om dit te faciliteren. De prioriteiten van overheden in die landen liggen meestal ook anders. Thuiswerken was in (voornamelijk) rijke landen al op kleinere schaal mogelijk in de dienstverlenende – en financiële sectoren. Covid-19 versnelde die ontwikkeling tot buitengewone proporties. Voor de drukke binnenstad van Paramaribo met relatief veel auto’s en de negatieve effecten van de uitstoot van koolmonoxide zou massaal thuiswerken door het kantoorpersoneel een oplossing kunnen zijn voor de dagelijkse files. Fietsen naar kantoor zou overigens ook helpen, maar onze bestuurders zijn blijkbaar niet dol op fietsen, want anders hadden die al lang fietspaden aangelegd. In de hele wereld wordt er massaal gefietst en bij ons helaas niet. Dit is wel eens anders geweest, want Surinamers hadden vroeger wel degelijk een fietscultuur. Daar heb je geen technologie voor nodig, kortom genoeg stof tot nadenken. Naarmate de ICT-mogelijkheden in een land toenemen zie je de maatschappij mee veranderen. Afhankelijk van de ICT-infrastructuur in een land zal binnen 5-7 jaar het grootste deel van de contacten tussen personen, scholen, bedrijven, banken, verzekeraars en overheidsinstellingen praktisch volledig online gaan verlopen. De rijke landen hebben op dit vlak een behoorlijke voorsprong, maar ook in de armere landen is thans het besef doorgedrongen dat de digitale revolutie niet meer te stoppen is. Veel landen zijn begonnen aan een inhaalrace. Het is hoe je als land omgaat met die mogelijkheden en wat voor maatschappij je wenst in te richten. De Israëlische schrijver Yuval Noah Harari schreef in zijn beroemd geworden boek ‘Homo Deus, een kleine geschiedenis van de toekomst’ daarover het volgende: “Een en dezelfde technologie kan heel verschillende maatschappijen opleveren. De technologie van de eerste industriële revolutie (treinen, elektriciteit, radio en telefoon) kon bijvoorbeeld gebruikt worden om communistische dictaturen te vestigen, maar ook fascistische regiems of liberale democratieën. Kijk naar Zuid-Korea en Noord-Korea. Die hebben toegang tot exact dezelfde technologie, maar ze hebben voor heel verschillende toepassingen gekozen (einde citaat). De Zuid-Koreanen hebben een open en vrije cultuur, terwijl de Noord-Koreanen de technologie gebruiken om hun eigen bevolking te onderdrukken en de wereldvrede te bedreigen met de bouw van kernrakketten.

Tegenwoordig moet je bijna ICT-ér zijn om alle mogelijkheden en gevaren te doorgronden. Je favoriete eten, drankje, naar welke films je kijkt, waarheen je op vakantie gaat, welke boeken je leest, wat voor kleding je draagt, wat je geaardheid is, leeftijd, geslacht, gewicht, een afspraak met je kapper of arts en je medicijnen bij de apotheek bestellen, alles kan online en wordt geregistreerd. Het vastleggen en registreren van biometrische gegevens zoals gezichtsherkenning en vingerspoortechnologie horen ook in dat rijtje thuis. Boekt u maar een reisje Paramaribo-Amsterdam. Op beide luchthavens worden onze handelingen, gedragingen en voorkeuren nauwkeurig via camera’s bijgehouden, opgeslagen en gedeeld. Niet eens zo lang geleden hadden we daarvoor de geheime diensten.

Door de uitgebreide mogelijkheden worden kantoor en school straks meer een ontmoetingsplek om te onderhandelen over je salaris en eigen ontwikkeling of om sociale contacten met elkaar te hebben. Het maakt tegenwoordig niet meer uit waar je zit te werken of te leren. Dankzij Covid-19 en de digitale versnelling heten kantoor en school ‘thuis’ of ‘park’ of ‘bibliotheek’ of ‘de andere kant van de wereld’. Wat zou het toch mooi zijn als binnen vijf jaar ieder schoolgaand kind in Suriname de beschikking heeft over een laptop en een goede internetverbinding. Dit zou hun kennis, groei en ontwikkeling zoveel meer ten goede komen. Ik hoop dat de overheid en ouders dit ook zien. Toen de Amerikaanse autofabrikant Henry Ford in 1913 zijn auto’s voor het eerst in massaproductie van de lopende band liet rollen, kon niemand op aarde bevroeden, dat we een eeuw later in elektrische auto’s zouden gaan rijden of dat met zelfsturende auto’s zou worden geëxperimenteerd. Tegenwoordig rijden er al elektrische fietsen en brommers op de Europese wegen, ergo in Suriname reden we vroeger op een Solex. Zo zie je, dat veranderingen in de maatschappij en het menselijke gedrag zich soms ongedwongen voltrekken, in meer of mindere mate een handje geholpen en gevoed door nieuwe technologie en soms versneld ingevoerd als gevolg van een pandemie. Tegen de huidige generatie landgenoten zeg ik, blijf niet hangen in het verleden. Richt je blik op de toekomst want die toekomst is NU, anders loop je zo een decennium achter!

door Mr. Danny Abdoelhak

 

More
articles