DERDE RECHTSINSTANTIE

De rechtspraak in Suriname bestaat uit twee instanties die zich bezighouden met de feiten: het kantongerecht en het Hof van Justitie. Het Hof oordeelt over uitspraken van het kantongerecht, waartegen burgers, de staat of het Openbaar Ministerie, in hoger beroep kunnen gaan. Het Hof buigt zich ook als enige over ambtenarenzaken, zonder dat lokaal beroep daartegen open staat.

Juristen, zoals Serena Essed en Hugo Essed, zijn van mening dat, net als in 80 procent van de rest van de wereld, een derde instantie binnen de rechtspraak nodig is. Naast de eigen noodzaak van rechtsbeleving, rechtszekerheid, rechtswetenschap en rechtvaardigheid, zou het vertrouwen in deze waarden toenemen voor internationale investeerders, expats, multinationals, ngo’s en andere nieuwe belanghebbenden in de internationale rechtssfeer. Dit geldt vooral voor onze nationale mijnbouwgedreven ontwikkelingen, wanneer de rechtspraak een derde linie van controle heeft. Vooral omdat een derde instantie zich meestal bezighoudt met zuiver het juridische kader, anders gezegd, de betekenis en toepassing van regels en niet zo zeer met feitenonderzoek en waarheidsvinding. Derde instanties mogen ook selectiever zijn in welke zaken aangehoord worden.

Er is door verschillende juristen, waaronder door de president van de Caribbean Court of Justice (CCJ) zelf en door een van de andere rechters, nagedacht over welke mogelijkheden Suriname heeft voor een derde instantie. Gedacht is aan de CCJ, waar Suriname lid van is, maar niet verplicht tot deelname, de Hoge Raad der Nederlanden, waar Suriname voor de onafhankelijkheid al welkom was, of een eigen Surinaamse Hoge Raad.

Suriname en Nederland delen een taalunie, het concordantiebeginsel en het civil law stelsel. Toch ligt dit cultureel gevoelig, want een sfeer van afhankelijkheid van de voormalige kolonisator, zou minder als samenwerking en meer als een stap terug aanvoelen voor velen.

Een eigen derde instantie gaat voorbij aan uitdagingen die nu al bij het Hof van Justitie spelen: zowel qua vorming, ervaring, juridische kennis als integriteit, is de vijver aan beschikbare en geschikte kandidaten bijzonder beperkt. Degenen die in aanmerking komen, beschikken over kennis en vaardigheden waar er een markt voor bestaat die meer betaalt dan de overheid bereid is te betalen.

Een derde instantie zou al de positieve effecten hebben op al de onderdelen, die door Serena Essed besproken zijn. Tegelijkertijd loopt men bij de invoering aan tegen dezelfde uitdagingen die de rechtspraak als geheel ervaart. Het ambitieuze project vereist visie en durf, maar zou een langetermijninvestering zijn in een betere rechtsorde.

More
articles