Panama heeft meer dan tweehonderd naschokken geregistreerd na de zware aardbeving met een magnitude van 7,7 die vrijdag plaatsvond. De beving veroorzaakte aanzienlijke schade aan woningen en infrastructuur. De Panamese regering heeft daarop de nationale noodtoestand uitgeroepen, om zo extra hulp beschikbaar te stellen aan de getroffen bevolking.
Volgens Nestor Luke, directeur van het Instituut voor Geowetenschappen van de Universiteit van Panama, houden de naschokken nog steeds aan. Wel neemt de kracht ervan af en worden de tussenpozen tussen de schokken groter.
Tot nu toe zijn er geen dodelijke slachtoffers gemeld. Hulpdiensten hebben wel melding gemaakt van minstens 27 gewonden en bijna 900 beschadigde woningen. Ook zijn verschillende wegen zwaar beschadigd of volledig verwoest.
De aardbeving werd in grote delen van het Midden-Amerikaanse land gevoeld. In de hoofdstad Panama-Stad, op ongeveer 200 kilometer van het epicentrum, vluchtten mensen uit angst de straat op. Getuigen verklaarden dat de schokken hevig waren en langere tijd aanhielden. Meubels en andere zware voorwerpen in woningen begonnen door het schudden te bewegen.
Op sociale media circuleren beelden van de gevolgen van de aardbeving. Daarop is onder meer te zien, hoe een brug hevig schudt, en er water uit een flatgebouw spuit. President José Raúl Mulino omschreef de situatie als een grote ramp en bevestigde dat meerdere wegen, ernstige schade hebben opgelopen. Met het uitroepen van de nationale noodtoestand kan de regering tot 100 miljoen Amerikaanse dollar vrijmaken voor noodhulp. De middelen moeten bijdragen aan de ondersteuning van de getroffen bevolking en het herstel van de schade. Ook de Verenigde Staten volgen de situatie nauwlettend. De Amerikaanse minister van Buitenlandse Zaken, Marco Rubio, liet via X weten dat op verzoek van Panama, snel hulp wordt gemobiliseerd. Ondanks de zware aardbeving, is het scheepvaartverkeer door het Panamaka-naal vooralsnog niet verstoord.


