Suriname derde olieproducent binnen CARICOM, offshore groei moet positie versterken

Suriname behoort momenteel tot de drie grootste olieproducenten binnen de Caribische Gemeenschap (CARICOM), maar staat met zijn huidige onshoreproductie nog op ruime afstand van Guyana. Met de geplande start van de offshoreproductie uit Blok 58 in 2028, kan de positie van Suriname op de regionale oliemarkt echter aanzienlijk veranderen. Dat blijkt uit een overzicht van OilNOW.gy.

Naast Suriname en Guyana produceren ook Trinidad en Tobago, Barbados en Belize ruwe olie. De productieniveaus lopen sterk uiteen. Guyana is inmiddels met grote voorsprong de grootste producent, terwijl Suriname nog voornamelijk afhankelijk is van zijn onshorevelden.

Staatsolie rapporteerde over 2025 een gemiddelde onshoreproductie van ongeveer 17.400 vaten per dag. De totale productie kwam uit op 6,35 miljoen vaten. Volgens OilNOW.gy wil Staatsolie de productie de komende jaren rond zes miljoen vaten per jaar handhaven, terwijl nieuwe projecten worden voorbereid.

De belangrijkste verandering voor Suriname moet komen uit de offshore.

TotalEnergies ontwikkelt samen met APA Corporation en Staatsolie het GranMorgu-project in Blok 58. De FPSO krijgt een ontworpen productiecapaciteit van 220.000 vaten per dag. De eerste olie wordt volgens de huidige planning, in 2028 verwacht.

Als GranMorgu op capaciteit produceert, zou de offshoreproductie van Suriname vele malen groter zijn dan de huidige binnenlandse productie. Daarmee kan het land een veel prominentere positie innemen binnen de regionale olie-industrie.

Guyana veruit grootste producent

Guyana produceerde in juli 2026 gemiddeld ongeveer 886.000 vaten per dag, tegenover circa 918.000 vaten per dag in februari. De productie nam in de daaropvolgende maanden af, maar Guyana bleef met ruime voorsprong de grootste olieproducent binnen de CARICOM. De productie komt uit vier projecten in het door ExxonMobil geëxploiteerde Stabroek Block: Liza 1, Liza 2, Payara en Yellowtail. ExxonMobil heeft een belang van 45 procent, Chevron via Hess 30 procent en CNOOC 25 procent. De productie in Guyana staat bovendien voor een nieuwe stijging. De FPSO Errea Wittu, bestemd voor het Uaru-project, arriveerde in augustus. ExxonMobil verwacht dat Uaru tegen het einde van 2026, in productie komt. Daarmee kan Guyana de grens van één miljoen vaten per dag overschrijden.

Trinidad en Tobago tweede

Trinidad en Tobago is de tweede olieproducent binnen de CARICOM. Het land produceerde in mei 2026 ongeveer 51.000 vaten per dag, volgens gegevens van de Amerikaanse Energy Information Administration (EIA). Dat cijfer omvat niet de volledige petroleum- en aardgassector van Trinidad en Tobago. Het land produceert daarnaast aardgas, natural gas liquids, LNG en petrochemische producten. Tot de actieve upstreambedrijven behoren Herita-ge Petroleum, Perenco, EOG Resources en bp Trinidad and Tobago.

Barbados en Belize

Barbados produceerde in mei ongeveer 1.000 vaten per dag, terwijl Belize met circa 790 vaten per dag de kleinste olieproducent binnen CARICOM was. De productie in beide landen vindt voornamelijk onshore plaats. Barbados stelt daarnaast offshoreblokken beschikbaar voor exploratie. Belize Natural Energy is volgens het ministerie van Economic Transformation de enige producent van ruwe olie in Belize, met activiteiten in onder meer de velden Spanish Lookout en Never Delay.

De cijfers illustreren volgens OilNOW.gy het grote verschil tussen de vijf olieproducerende CARICOM-landen. Voor Suriname ligt de belangrijkste ontwikkeling nog voor de deur: met de geplande start van GranMorgu in 2028 kan het land zijn huidige positie als relatief kleine onshoreproducent verruilen voor een veel grotere rol als offshore olieproducent.

Bron: OilNOW.gy

More
articles