BiZa vergroot toegankelijkheid verkiezingen voor mensen met visuele beperking

De voorbereidingen op de verkiezingen van 2030 zijn al in gang gezet. Daarbij kijkt het ministerie van Binnenlandse Zaken niet alleen naar de algemene organisatie van de verkiezingen, maar ook naar de toegankelijkheid ervan voor kwetsbare groepen. Directeur Nasier Eskak zegt dat onder meer wordt gewerkt aan een oplossing, waardoor ook mensen met een visuele beperking, zoveel mogelijk zelfstandig hun stem kunnen uitbrengen.

Volgens Eskak was de ondersteuning van kiezers met een visuele beperking tijdens de afgelopen verkiezingen een belangrijk aandachtspunt. Vanuit de doelgroep was de wens geuit, het democratisch recht zoveel mogelijk zonder tussenkomst van derden te kunnen uitoefenen. “Het stukje van inclusiviteit, vergroting van de inclusiviteit, het kunnen uitoefenen van je democratisch recht, van het uitbrengen van je stem, vindt ook in deze fase plaats”, aldus Eskak.

Het ministerie is inmiddels in gesprek met organisaties die zich inzetten voor kwetsbare groepen. Daarbij wordt onder meer gesproken met de Stichting Wan Okasi. Ook andere organisaties zijn geïdentificeerd waarmee het ministerie gesprekken wil voeren.

Eskak verwacht dat deze trajecten binnen de huidige post-electorale fase, kunnen worden afgerond. Deze fase loopt volgens de planning tot januari 2028. Daarna volgt de pre-electorale fase, die loopt tot oktober 2029 en waarin de concrete voorbereidingen op de verkiezingen van 2030 worden getroffen.

Een belangrijk onderdeel van de huidige fase is de evaluatie van de verkiezingen van 2025. Daarbij heeft Binnenlandse Zaken de evaluatie breder aangepakt dan bij eerdere verkiezingen. Naast politieke organisaties, het Onafhankelijk Kiesbureau (OKB), het Centraal Hoofdstembureau (CHS) en de voorzitters van de hoofdstembureaus, zijn ditmaal ook voorzitters en vertegenwoordigers van stembureaus landelijk bij de evaluatie betrokken.

Volgens Eskak heeft dit nieuwe inzichten opgeleverd over het verloop van de verkie-zingsdag op de verschillende stembureaus. “Voorheen hebben we dat nooit gedaan. We hebben altijd volstaan met de politieke organisaties, het OKB, het CHS en de voorzitters van de hoofdstembureaus om de evaluatie te doen”, aldus Eskak.

Door ook de stembureauvoorzitters bij het evaluatietraject te betrekken, heeft het mini-sterie volgens Eskak, een beter beeld gekregen van de praktische knelpunten die zich tijdens de afgelopen verkiezingen, hebben voorgedaan. Deze punten moeten worden meegenomen in de voorbereiding op 2030, zodat problemen zoveel mogelijk kunnen worden voorkomen.

Ook mogelijke aanpassingen van de verkie-zingswetgeving moeten volgens Eskak, in de pre-electorale fase, zoveel mogelijk worden afgerond.

Een ander belangrijk onderdeel van de voorbereiding is de verdere digitalisering van het verkiezingsproces. Eskak noemt daarbij vooral het directoraat Burgerzaken, dat verantwoordelijk is voor het produceren van de kiezerslijsten.

Volgens de directeur kan digitalisering bijdragen aan het verminderen van fouten en het vergroten van de betrouwbaarheid van de kiezerslijsten. Hoewel volgens hem al vooruitgang is geboekt bij het opschonen van de lijsten, moet digitalisering een volgende belangrijke stap vormen.

Na de jaarrede van de president in 2029 wordt volgens de planning, de electorale fase ingeluid. In die periode worden onder meer de voorlopige en wettelijke kiezerslijsten voorbereid en vinden de inschrijvingen van politieke organisaties bij het OKB en het CHS plaats. Vervolgens wordt toegewerkt naar de dag der kandidaatstelling en uiteindelijk de verkiezingsdag in 2030.

Eskak benadrukt dat de informatie uit de verschillende onderzoeken en evaluaties in de post-electorale fase wordt gedeeld met de relevante verkiezingsorganen, waaronder het Onafhankelijk Kiesbureau en het Centraal Hoofdstembureau.

More
articles