Surinaamse regering krijgt lof uit Guyana voor harde lijn bij vermogensregistratie

De Guyanese jurist Jonathan Subrian heeft de strikte aanpak van de Surinaamse regering ten aanzien van de verplichte vermogensregistratie van politieke ambtsdragers en overheidsfunctionarissen, geprezen. In een ingezonden brief in Kaieteur News, stelt hij dat Suriname daadkracht toont op het gebied van integriteit en transparantie, terwijl Guyana volgens hem, achterblijft in de handhaving van vergelijkbare wetgeving. Volgens Subrian heeft de Surinaamse regering duidelijk gemaakt dat functionarissen die hun vermogensverklaring niet binnen de gestelde termijn indienen, geconfronteerd kunnen worden met gerechtelijke stappen, boetes en zelfs gevangenisstraffen. Hij omschrijft deze benadering als een verfrissend contrast met wat hij de “zachte en lakse” handhaving van soortgelijke regels in Guyana noemt.

De jurist wijst erop dat momenteel 231 personen in overheidsdienst in Guyana hun vermogensverklaring nog niet openbaar hebben gemaakt, ondanks de wettelijke verplichting daartoe. Hoewel de Guyanese wet eveneens voorziet in boetes en gevangenisstraffen voor overtreders, stelt hij dat er nauwelijks voorbeelden zijn van daadwerkelijke vervolging of bestraffing. Volgens Subrian beschikt Guyana sinds 1997 over de Integrity Commission Act, die ministers, parlementariërs en hoge ambtenaren verplicht jaarlijks hun bezittingen en schulden op te geven. In de praktijk wordt echter vooral gebruikgemaakt van publieke druk door de namen van overtreders in de media te publiceren. Hij noemt deze aanpak onvoldoende. “Gevoeligheid is geen afschrikmiddel; de dreiging van vervolging is dat wel”, schrijft hij. De jurist vraagt zich af of de Integriteitscommissie van Guyana, na het verstrijken van de verlengde deadline van 22 juni 2026, daadwerkelijk bereid zal zijn de wettelijke sancties toe te passen.

Subrian merkt op dat de Guyanese wet gevangenisstraffen van zes maanden tot één jaar voorschrijft voor personen die hun vermogensverklaring niet indienen. Daarnaast kunnen aanvullende boetes worden opgelegd, zolang de overtreding voortduurt. Volgens hem ontbreekt het in Guyana niet aan wetgeving, maar aan de politieke wil om die wetgeving consequent te handhaven. Hij stelt dat de Surinaamse aanpak laat zien dat duidelijke termijnen en strikte handhaving kunnen bijdragen aan meer transparantie en verantwoord bestuur. Subrian roept de regering van Guyana op, om de Integriteitscommissie de bestaande wetgeving consequent te laten toepassen. De ingezonden brief verscheen in Kaieteur News.

More
articles