‘Suriname moet in dialoog met mennonieten om ontbossing te voorkomen’

Terwijl Suriname zich opmaakt voor de mogelijke vestiging van mennonitische landbouwgemeenschappen uit Belize, waarschuwt ecoloog Timothy J. Killeen in een artikel op het internationale milieunieuwsplatform Mongabay, dat juist deze gemeenschappen in verschillende Latijns-Amerikaanse landen, verantwoordelijk zijn geweest voor grootschalige ontbossing. Tegelijkertijd stelt Killeen dat een constructieve dialoog met de mennonieten, mogelijk de beste kans biedt om verdere aantasting van bossen te voorkomen.

De waarschuwing van Killeen komt op een moment dat de discussie over de komst van mennonieten naar Suriname, opnieuw oplaait.

Eerder werd bekend dat groepen mennonieten uit Belize, belangstelling hebben getoond voor de ontwikkeling van ongeveer 24.000 hectare grond in het district Para. Milieuorganisaties, wetenschappers en delen van de samenleving hebben daarbij gewezen op de ervaringen in landen als Bolivia, Peru en Colombia, waar de uitbreiding van mennonitische landbouwkolonies, gepaard ging met aanzienlijke ontbossing.

Killeen stelt dat mennonitische gemeenschappen gedurende meer dan een halve eeuw, hebben bijgedragen aan de omzetting van grote bosgebieden in landbouwgrond. Volgens hem hebben de kolonies zich ontwikkeld tot uiterst efficiënte landbouwgemeenschappen die gebruikmaken van moderne machines, grootschalige ontginning en intensieve landbouwmethoden om gewassen zoals soja, sorghum, tarwe en zonnebloemen, te produceren.

Hoewel de mennonieten vaak worden geassocieerd met een eenvoudige levensstijl, benadrukt Killeen dat hun landbouwbedrijven behoren tot de meest productieve in de regio. De gemeenschappen beschikken over sterke organisatorische structuren, collectieve besluitvorming en een hoge mate van discipline, waardoor nieuwe landbouwgebieden relatief snel kunnen worden ontwikkeld.

Bolivia wordt genoemd als het meest sprekende voorbeeld van deze ontwikkeling. Sinds de jaren vijftig hebben mennonieten zich daar gevestigd en grote delen van het land ontbost. Satellietbeelden laten volgens Killeen, een herkenbaar patroon zien van grote rechthoekige landbouwpercelen die zijn aangelegd in voormalige bosgebieden. De directe ontbossing die aan mennonitische nederzettingen wordt toegeschreven, wordt geschat op ongeveer één miljoen hectare.

Killeen merkt op dat de mennonieten niet als illegale actoren kunnen worden beschouwd. In de meeste gevallen hebben zij grond verworven via legale procedures en opereren zij binnen de bestaande nationale wetgeving. Ook leveren de gemeenschappen een bijdrage aan voedselproductie, werkgelegenheid en economische activiteit in de regio’s waar zij zich vestigen.

Volgens Killeen ligt daarin juist de uitdaging voor overheden. Omdat mennonitische gemeenschappen doorgaans de wet naleven en economisch succesvol zijn, zijn traditionele handhavingsmaatregelen vaak onvoldoende om ontbossing tegen te gaan. In plaats daarvan pleit hij voor actieve betrokkenheid van de gemeenschappen bij duurzaamheidsinitiatieven en natuurbeheer.

Natuurorganisaties en internationale instellingen hebben vo0lgens Killeen, tot nu toe weinig moeite gedaan om rechtstreeks met de mennonieten samen te werken. Dat is stelt Killeen, een gemiste kans. Mennonieten hechten vanuit hun religieuze overtuiging veel waarde aan rentmeesterschap en verantwoord beheer van natuurlijke hulpbronnen. Deze principes zouden volgens hem, kunnen worden benut om duurzamere landbouwpraktijken te stimuleren.

Voor Suriname is die conclusie bijzonder relevant. Het land beschikt nog altijd over een van de hoogste percentages bosbedekking ter wereld en profileert zich internationaal als een koolstofnegatieve natie. Tegelijkertijd zoekt de regering naar mogelijkheden om de landbouwproductie te vergroten en de voedselzekerheid te versterken. De mogelijke komst van mennonitische landbouwers bevindt zich daardoor op het snijvlak van economische ontwikkeling en natuurbescherming.

De ervaringen in Bolivia, Peru en Colombia tonen volgens de analyse aan, dat de vestiging van mennonitische kolonies aanzienlijke economische voordelen kan opleveren, maar ook grote druk kan zetten op kwetsbare ecosystemen, wanneer duidelijke regels en duurzaamheidsafspraken ontbreken.

Mongabay concludeert daarom dat de discussie niet uitsluitend zou moeten draaien om de vraag of mennonieten welkom zijn in Suriname, maar vooral onder welke voorwaarden zij zich kunnen vestigen. Volgens Killeen biedt juist vroegtijdige samenwerking met de gemeenschappen de grootste kans om economische ontwikkeling te combineren met het behoud van Surinames unieke bossen en biodiversiteit. Daarmee kan worden voorkomen dat de ontbossingsscenario’s die elders in Latijns-Amerika zichtbaar zijn geworden, zich in Suriname herhalen.

Bronartikel:

https://news.mongabay.com/2026/06/its-time-to-engage-mennonite-communities-to-reduce-deforestation-in-latin-america-analysis/?shem=dsdf,sharefoc,agadiscoversdl,,sh/x/discover/m1/4

More
articles