Zonder concrete resultaten blijven onderwijsbonden in beraad

De gezamenlijke onderwijsbonden in Suriname hebben duidelijk gemaakt, dat zij hun beraad niet zullen opschor-ten, zolang er geen concrete oplossingen komen voor de problemen waarmee leerkrachten en docenten worden geconfronteerd. Gisteren tijdens een gezamenlijke persconferentie, benadrukten de Federatie van Organisaties van Leerkrachten in Suriname (FOLS), de Bond van Leraren (BvL), de Alliantie voor Leerkrachten in Suriname (ALS), het Syndicaat voor Onderwijsgevenden, de Docentenbond Hoger Onderwijs in Suriname (DoHOS) en de Vakvereniging Wetenschappelijk Personeel van de Universiteit (VWPU), dat de huidige acties het gevolg zijn van jarenlange achterstanden en onbeantwoorde vraagstukken. Volgens de bonden verkeert het onderwijsveld in een diepe crisis. Zij wezen erop dat het beraad niet plotseling is ontstaan, maar het gevolg is van een langdurig proces van achterstallige betalingen, niet nagekomen afspraken en een gebrek aan waardering voor onderwijsgevenden.

FOLS-voorzitster Bernice Barron stelde, dat veel leerkrachten financieel nauwelijks rond kunnen komen. Volgens haar bedraagt het gemiddelde inkomen van een leerkracht ongeveer SRD 15.000 per maand, terwijl het bruto basissalaris vaak rond de SRD 12.000 ligt. Zij benadrukte dat dit onvoldoende is, om de stijgende kosten van levensonderhoud te dekken. Barron wees erop dat veel onderwijsgevenden al jaren wachten op betalingen waarop zij recht hebben. Het gaat onder meer om gratificaties voor 25 en 30 dienstjaren, diploma-uitkeringen, vervoersvergoedingen, standplaats- en huishuurtoelagen en andere vergoedingen. Volgens haar hebben verschillende onderwijsorganisaties de overheid herhaaldelijk op deze problemen gewezen, maar zijn structurele oplossingen uitgebleven. De onderwijsbonden vinden dat de overheid onvoldoende prioriteit geeft aan onderwijs. Daarbij werd ook verwezen naar de omvang van de onderwijsbegroting. Volgens Barron zou onderwijs internationaal gezien een aanzienlijk deel van het bruto binnenlands product moeten ontvangen, terwijl de huidige middelen volgens haar, achterblijven bij wat noodzakelijk is om het onderwijs adequaat te ondersteunen. Tijdens de persconferentie werd benadrukt dat de leerkracht de spil van het onderwijs vormt. De bonden stelden dat zonder gemotiveerde en gewaardeerde leerkrachten, kwalitatief onderwijs onmogelijk is. Daarom hebben bonden uit alle onderwijsniveaus, van het basis- en voortgezet onderwijs tot het hoger onderwijs en de universiteit, besloten gezamenlijk op te trekken. BvL/ALS-voorzitster Reshma Mangre verklaarde, dat de bonden openstaan voor overleg met de regering. Zij bevestigde dat de organisaties zijn uitgenodigd voor gesprekken met de presidentiële commissie voor vakbondsaangelegenheden en dat ook president Simons, contact heeft opgenomen om op korte termijn met de bonden om de tafel te gaan. Hoewel de bonden deze bereidheid tot overleg waarderen, benadrukte Mangre dat woorden alleen niet voldoende zijn. “Zonder resultaat wordt het beraad niet opgeheven.” Volgens haar zijn onderwijsgevenden al jarenlang geconfronteerd met uitstel, het niet uitvoeren van gemaakte afspraken en een gebrek aan concrete resultaten. Mangre wees daarnaast op de problemen rond examengecommitteerden, die volgens haar, al drie jaar wachten op hun vergoedingen. Ook noemde zij de trage afhandeling van overwerkgelden, de vaak jarenlange vertraging bij de juiste inschaling van leerkrachten die aanvullende opleidingen hebben afgerond en het uitblijven van vaste aanstellingen voor personeelsleden. Mangre stelde dat zaken soms pas in orde komen, als de leerkrachten bijna de pensioengerechtigde leeftijd hebben bereikt. De bonden plaatsten ook vraagtekens bij de uitvoering van besluiten die volgens de president, reeds zijn genomen. Volgens de bonden wordt tijdens gesprekken regelmatig aangegeven, dat opdrachten zijn verstrekt om problemen op te lossen, maar blijft de uitvoering daarvan uit. De bonden willen daarom duidelijkheid over wie verantwoordelijk is voor het toezicht op en de uitvoering van deze besluiten.

DoHOS-voorzitter Maurice Zrour ging in op de situatie van docenten, verbonden aan het Instituut voor de Opleiding van Leraren (IOL). Hij stelde dat veel docenten met een bruto salaris van ongeveer SRD 12.000 en een totaal inkomen van circa SRD 15.000 inclusief toelagen, nauwelijks rond kunnen komen. Volgens Zrour heeft deze financiële druk directe gevolgen voor de motivatie van onderwijsgevenden. ‘’Hoe kan van leerkrachten worden verwacht dat zij leerlingen inspireren en motiveren, terwijl zij zelf dagelijks worstelen met financiële onzekerheid. Na een week of anderhalve week, kunnen veel leerkrachten nauwelijks nog hun voertuig van brandstof voorzien”, stelde hij.

De onderwijsbonden benadrukten dat de   persconferentie bedoeld was om de samenleving inzicht te geven in de situatie, waarin leerkrachten en docenten zich bevinden. Zij riepen de overheid op, om de problemen met spoed aan te pakken en daadwerkelijk uitvoering te geven aan gemaakte afspraken. Totdat er zichtbare resultaten worden geboekt, blijven de gezamenlijke onderwijsbonden in beraad. Volgens hen staat niet alleen het welzijn van de leerkrachten op het spel, maar ook de toekomst van het Surinaamse onderwijs en de ontwikkeling van de jeugd.

More
articles