Mahinder Jogi, VHP-parlementariër en landbouwer, stelt dat in Suriname al tientallen jaren, een consistent en doelgericht agrarisch beleid ontbreekt. De recente wateroverlast, waarbij landbouwgebieden onder water zijn komen te staan en een deel oogsten verloren zijn gegaan, legt volgens hem, de structurele problemen binnen de sector bloot. Jogi stelt dat landbouw regelmatig wordt genoemd als een belangrijke economische pijler, maar dat dit in de praktijk, nauwelijks zichtbaar is in het overheidsbeleid. “Er is geen agrarisch beleid in dit land. Vanuit de begroting is er jarenlang weinig aandacht geweest voor landbouw. Het ministerie van LVV is sterk achteruitgegaan qua organisatie, management en capaciteit, zowel op het ministerie zelf als in de ondersteuning en voorlichting aan boeren in het veld”, zegt Jogi. Volgens hem zijn landbouwers daardoor grotendeels op zichzelf aangewezen. ‘’Veel boeren moeten zelf kennis vergaren via technologie en sociale media en zoeken zelfstandig naar manieren, om hun productie te verbeteren’’, aldus Jogi. Tegelijkertijd blijven essentiële voorzieningen, zoals een goede ontwatering van landbouwgebieden, volgens hem achterwege. “Aan de ene kant zeggen we dat Suriname een landbouwland is, maar aan de andere kant zien we dat landbouwgebieden bij zware regenval, onder water lopen. Er is geen gerichte aandacht voor productie, terwijl juist die productie, ondernemerschap en verdiencapaciteit ondersteunt.”
Jogi wijst ook op de grote afhankelijkheid van geïmporteerde producten. Volgens hem bestaat een groot deel van het assortiment in de supermarkten, uit buitenlandse producten. “Van melk tot andere voedingsmiddelen, vrijwel alles wordt geïmporteerd. Dat laat zien dat wij onvoldoende produceren. Daarnaast spelen ook kwaliteits- en certificeringsvraagstukken een rol. Daardoor wordt onze eigen landbouwproductie onvoldoende ontwikkeld”, stelt hij. Jogi merkt op dat landen als Brazilië, de Verenigde Staten en verschillende Europese landen, landbouw als een strategische sector beschouwen en daar voortdurend in investeren. ‘’In Suriname ontbreekt die visie.’’
De recente wateroverlast, zal volgens Jogi, nadelige gevolgen hebben voor de prijzen van groenten en andere landbouwproducten. ‘’Hogere prijzen betekenen niet, dat landbouwers meer verdienen.
Als er geen tajerblad of komkommer op de markt is en de vraag blijft bestaan, dan stijgen de prijzen automatisch. Dat is een kwestie van vraag en aanbod.
Maar dat betekent niet dat elke landbouwer daar beter van wordt, want veel boeren hebben juist hun volledige productie verloren”, zegt hij. Volgens Jogi zal de consument mogelijk schrikken van de prijzen die de komende periode op de markt worden gevraagd, maar moet daarbij rekening worden gehouden met de schade die landbouwers hebben geleden.
Jogi spreekt de hoop uit dat de recente buitenlandse bezoeken van president Jennifer Simons aan Brazilië en de Dominicaanse Republiek, zullen leiden tot concrete resultaten voor de landbouwsector. “Dat zijn landen die het goed doen op landbouwgebied. Ik hoop dat er echte samenwerking tot stand komt en dat niet slechts een kleine groep daarvan profiteert. Er moeten structurele investeringen komen, die de duurzaamheid en continuïteit van de sector garanderen”, aldus Jogi. Volgens hem moet landbouw een prominentere plaats krijgen binnen de nationale begroting. Niet alleen onderhoudswerkzaamheden en trainingen zijn nodig, maar ook investeringen die jongeren stimuleren om actief te blijven in de sector. Jogi vindt dat de overheid daarnaast snel werk moet maken van een inventarisatie van de schade die door de wateroverlast is ontstaan.
Volgens hem moet het ministerie van LVV exact in kaart brengen, welke gebieden zijn getroffen, hoe groot de schade is en wat de financiële gevolgen zijn. “Op zijn minst moet de overheid weten, welke gebieden onder water zijn gelopen, hoe lang het water blijft staan en hoeveel schade er is geleden.
Vervolgens moet worden gekeken hoe de getroffen boeren tegemoetgekomen kunnen worden”, zegt hij. Als voorbeeld noemt Jogi de tijdelijke sociale ondersteuning voor landbouwers die hun volledige oogst hebben verloren.
“Wanneer iemand maandenlang hard werkt en door regen of droogte alles kwijtraakt, dan mag de overheid daar niet aan voorbijgaan. Geef die mensen bijvoorbeeld tijdelijk een BaZo-kaart of een andere vorm van ondersteuning. Het gaat erom dat er een gebaar wordt gemaakt naar de mensen die zorgen voor onze voedselproductie.” Volgens Jogi is het tijd dat landbouw niet langer alleen in woorden, maar ook in beleid en investeringen, als prioriteit wordt behandeld.
door Orsilia Dinge

