Minister Monorath heeft onlangs aan leden van de pers verteld, dat het terrein van ongeveer 50 hectare dat bij de gevangenis te Santo Boma hoort, al na 150 meter vanaf de gevangenis is uitgegeven. Ondanks zijn beklag bij de president worden er op dit terrein woningen gebouwd, terwijl het oorspronkelijk bedoeld was voor activiteiten ten behoeve van de gedetineerden.
Het terrein had moeten dienen als resocialisatiezone: hier konden activiteiten plaatsvinden die bijdragen aan het psychische welzijn van gedetineerden en die voorkomen dat zij tijdens hun detentie, geestelijk instorten. Door het uitgeven van de percelen is deze ruimte niet langer beschikbaar, waardoor het rehabilitatieproces van gevangenen onder druk komt te staan.
Daarnaast voldoet het cellenhuis, zoals ontworpen en gebouwd, aan alle internationale normen wat betreft ligging, grootte, hoogte en omgeving. Juist omdat het zich in een moerasgebied bevindt, is deze locatie zorgvuldig gekozen. Door de uitgifte van het terrein voldoet de gevangenis echter niet langer aan deze standaarden, met mogelijke gevolgen voor veiligheid, welzijn en internationale geloofwaardigheid.
Het dossier roept vragen op over politieke verantwoordelijkheid en de consistentie van beleid rondom overheidsgrond.
Een ander belangrijk aspect is het financiële risico voor burgers: er wordt al gebouwd op de percelen bij Santo Boma. Wie gaat de kosten vergoeden voor de mensen die bloed, zweet en tranen hebben gestoken in een onderkomen dat mogelijk op onrechtmatig uitgegeven grond staat? De overheid kan hier niet wegkijken; er moet duidelijkheid en bescherming komen voor de investeringen van deze burgers.
Sommigen zouden kunnen aanvoeren dat woningbouw bijdraagt aan economische ontwikkeling en de huisvesting van burgers, maar maatschappelijke vooruitgang mag nooit ten koste gaan van fundamentele rechten, zoals humane detentie en resocialisatie. Het is de verantwoordelijkheid van de overheid om overheidsgrond correct te beheren en de oorspronkelijke bestemming van cruciale terreinen te respecteren.
Het uitgeven van het gevangenisterrein is zowel juridisch als ethisch problematisch. De overheid moet ingrijpen, de situatie rechtzetten en ervoor zorgen dat het terrein weer beschikbaar komt voor activiteiten die bijdragen aan de rehabilitatie van gevangenen, terwijl de belangen van burgers die al hebben geïnvesteerd worden beschermd.


