Patrick Brunings, minister van Milieu, Olie en Gas, heeft na zijn aantreden tegenover ABC Online Nieuws verklaard, tevreden terug te zijn na zijn vakantie. Ondanks een korte vakantie van drie weken, noemt hij de start van zijn ministerschap “bijzonder goed”. Het team binnen zijn ministerie is volgens hem gemotiveerd en de tussentijdse resultaten, zijn bemoedigend.
De nadruk ligt momenteel op het milieubeleid, met het oog op de internationale klimaattop COP30 in november. “We willen dit jaar niet alleen participeren, maar ook een actieve bijdrage leveren. President Simons is volledig up to date, en we willen internationaal een sterke indruk maken”, aldus Brunings.
Naast het milieuvraagstuk werkt het ministerie aan de inrichting van het nieuwe directoraat Olie & Gas. Volgens de minister, vraagt dit veel denkwerk over de rol die Suriname in de toekomst moet spelen in deze sector.
Brunings noemt zichzelf nog een ‘rookie’ in de politiek, na dertig jaar ervaring te hebben gedaan bij Staatsolie. “Het is heel anders dan het bedrijfsleven. Je moet het politieke spel leren, maar de wil is er, en ik leer snel van coaches en collega’s.”
Het ministerie gebruikt voorlopig een pand aan de Prins Hendrikstraat, voorheen in gebruik bij ROM, als tijdelijke huisvesting. Een kernteam werkt aan de verdere opbouw, terwijl een onafhankelijke ‘quick scan’ door consultants inzicht moet geven in personeel, contracten en risico’s.
Brunings zei uitgebreid met oud-president Chandrikapersad Santokhi te hebben gesproken. Daarbij werd onder meer gesproken over de rol van local content, de strategie voor carbon credits en de voorbereidingen voor COP30. Ook werd benadrukt dat de toekomstige inkomsten uit olie en gas, slim moeten worden geïnvesteerd.
“De revenues moeten gebruikt worden om de natuur te behouden en duurzame industrieën te ontwikkelen. We hebben maar één kans om het goed te doen”, aldus Brunings. Volgens hem is afgesproken, dat de middelen via een spaar- en stabilisatiefonds beheerd zullen worden.
Een belangrijk aandachtspunt is de milieubewustwording in Suriname. Brunings constateert dat veel burgers nog niet voldoende beseffen, wat op het spel staat. “Iedereen ziet het vuil langs de straten, maar we accepteren het bijna. Dat moet veranderen.”
Brunings wil inzetten op bewustwordingsprogramma’s, onder meer via het onderwijs, maar kondigt ook strengere maatregelen aan. “Binnen een jaar moet er een pakket van awareness, sancties en monitoring komen. Je kan morgen straffen invoeren, maar het moet goed zijn ingericht.”
Naast zijn werk blijft Brunings een fervent hardloper. Tijdens zijn langeafstandstrainingen ziet hij de uitdagingen van het land van dichtbij. “Als we ons allemaal aan de regels zouden houden, zouden we geen drempels nodig hebben. Het vuil langs de wegen laat zien, dat we te weinig houden van ons land.”


