Suriname stelt bosbehoud centraal bij olie- en mijnbouwontwikkeling

Suriname wil zijn uitgestrekte bossen actief beschermen, ook nu het land doorgaat met de ontwikkeling van offshore olievelden en binnenlandse mijnbouwprojecten. Dat zei de minister van Olie, Gas en Milieu, Patrick Brunings, tijdens een toelichting, voorafgaand aan de vergadering van de Raad van Ministers.

“Het is ons streven om de bosbedekking boven de 90 procent te houden”, benadrukte Brunings. Hij erkende dat het soms een uitdaging is om economische groei en natuurbescherming met elkaar te verenigen, maar stelde, dat de overheid zich inzet om beide doelstellingen tegelijk te realiseren.

In de komende weken zullen de ministers van Justitie en Politie en van Natuurlijke Hulpbronnen bijeenkomen om het vergunningenbeleid voor nieuwe concessies te bespreken. Aan die vergunningen zullen concrete regels worden verbonden, waarmee de overheid de balans tussen exploitatie en bescherming wil waarborgen.

In de offshore olie-industrie gelden al strenge regels voor monitoring en herstelmaatregelen. Deze standaarden zullen binnenkort ook voor de mijnbouwsector gelden, waar vooral het gebruik van kwik een aandachtspunt blijft.

Suriname werkt actief aan het verminderen van kwikgebruik en kijkt daarbij ook naar samenwerking met internationale partners, zoals Japan, om het proces te versnellen.

De uitgestrekte bossen van Suriname bieden niet alleen ecologische voordelen, maar ook economische kansen. Met meer dan 93 procent van het land bedekt door regenwoud, kan het land profiteren van de groeiende markt voor koolstofkredieten, die landen belonen voor het behoud van bossen als belangrijke koolstofopslagplaatsen. Tot op heden heeft Suriname nog geen inkomsten uit deze markt ontvangen. Minister Brunings ziet in de combinatie van olie-inkomsten en inkomsten uit koolstofkredieten, een mogelijkheid voor Suriname om duurzame economische groei te realiseren, terwijl het tegelijkertijd zijn natuurlijke rijkdommen beschermt.

More
articles