De minister van Financiën en Planning, Stanley Raghoebarsing, zegt dat Suriname er macro-economisch beter voor staat. De regering heeft opgeruimd, de chaos van de vorige regering rechtgetrokken, en hoewel de financiële middelen nog beperkt zijn, zou de economie volgens de bewindsman nu stabieler zijn. Maar is dat wel zo? Is de staat écht gered of wordt ons een tijdelijk succesverhaal voorgeschoteld? Het volk heeft de afgelopen jaren vreselijk moeten inleveren. Prijsstijgingen, belastingdruk en versobering van voorzieningen, hebben gezorgd voor frustratie en wantrouwen in de richting van de overheid. ‘Het land is gered’, klinkt misschien mooi, maar veel burgers voelen die redding zeker niet in hun portemonnee. Ja, de regering heeft orde op zaken gesteld na de financiële puinhoop van haar voorganger. Maar wat is de werkelijke impact op de gewone burger? Raghoebarsing erkent dat het “passen en meten” blijft, en dat er nog steeds onvoldoende middelen zijn om in alle behoeften te voorzien. Met andere woorden: het land mag macro-economisch gered zijn, maar de mensen voelen het nog steeds niet. Raghoebarsing benadrukt, dat er strikt wordt toegezien op begrotingsdiscipline.
De VHP-regering heeft moeten opruimen. Dat is een feit. Maar de vraag blijft: heeft ze echt een duurzaam fundament gelegd, of is dit tijdelijk financieel herstel? Macro-economisch is er vooruitgang, maar de bevolking voelt dat nog niet in koopkracht en levensstandaard. Begrotingsdiscipline wordt benadrukt, maar ministeries blijven extra uitgaven boeken. Het volk heeft zijn offers gebracht en blijft wachten op echte verlichting. Tot die tijd is de uitspraak: ‘Het land is gered’ vooral een politieke slogan, geen garantie voor structurele, een sociale en economische verbetering!