Er moet een analyse van de Surinaamse situatie worden gemaakt als er door actoren een nationaal actieplan wordt opgesteld voor wat betreft de implementatie van het Verenigde Naties decennium voor mensen van Afrikaanse afkomst, dat op 1 januari 2015 is ingegaan en loopt tot 31 december 2024. Dit kwam gisteravond naar voren tijdens de lezing van dr. Barryl Biekman, die de betekenis van dit decennium voor de nazaten van de Afrikanen in Suriname nader belichtte. Biekman is de motor achter het initiatief van de oprichting van het `Landelijk Platform Slavernijverleden’ in Nederland en heeft vorige maand in de VN een toespraak gehouden in het kader van de lancering van dit initiatief. De activiste beklemtoonde dat bij het opstellen van een nationaal actieplan in Suriname, niet klakkeloos Nederlandse actiepunten moeten worden overgenomen, omdat in het voormalige moederland andere issues spelen. Suriname zou een eigen analyse van de stand van de Afro-Surinamers moeten maken en bijvoorbeeld kunnen nagaan hoe het zit met huisvesting, arbeid, onderwijs, raciale profilering, oververtegenwoordiging in bepaalde instellingen, zoals de gevangenissen en hoe onze politie kijkt naar Afro-Surinamers met rastahaar. Biekman was uitgenodigd door de Nationale Reparatie Commissie die een samenwerking is aangegaan met Mofina Pikin en de inheemse organisatie Masuanary. De organisaties hebben gisteravond in Theater Unique gezamenlijk de Dag van de Verbondenheid herdacht en ook werden tien punten van het reparatieprogramma van de Caricom voorgehouden. Het gaat om: het aanbieden van excuses, spijtbetuigingen en diep berouw zijn niet voldoende; mogelijkheden voor repatriëring voor hen die hiervan gebruik wensen te maken; aanpak van analfabetisme; speciale ontwikkelingsprogramma’s voor inheemsen; Caribische culturele en wetenschappelijke instituten opzetten, daarbij in gedachten musea vanuit een Surinaams perspectief en het opzetten van onderzoeksinstituten; crises op het gebied van de gezondheidszorg aanpakken, met name diabetes mellitus 2 en hart – en vaatziekten; psychologische trauma’s aanpakken; op Afrika georiënteerde kennisinstituten opzetten en duurzame relaties ontwikkelen; transfer van technologie van belang voor ontwikkeling en kwijtschelding schulden.
