Meest gestelde vragen NPC over financiële aspect

De meest gestelde vragen over het Nationaal Productiviteitscentrum (NPC) in het parlement, waren gericht op het financiële aspect. De behandeling van dit wetsontwerp is gisteren in De Nationale Assemblee voortgezet. De minister van Arbeid, Soewarto Moestadja, gaf aan dat het NPC niet op winst gericht is, maar op kleine of middelgrote ondernemingen (KMO’s). Het NPC zal betaalde diensten zodanig moeten aanbieden dat ze bereikbaar en aantrekkelijk is om diensten af te nemen. De inkomsten zullen bedoeld zijn om de lopende kosten te dekken. Er wordt niet uitgesloten dat het NPC op den duur wordt geprivatiseerd, waardoor er weinig ruimte overblijft om aan de staatskas bij te dragen.

Moestadja gaat akkoord met het voorstel om het totale jaarsalaris van de toppers van het NPC, te koppelen aan een maximum wanneer additionele toelagen zullen worden betaald. De maximale additionele voorzieningen zullen volgens de minister op het jaarsalaris niet meer zijn dan 20 procent. De bewindsman ging daarnaast niet mee met het voorstel om bij de benoeming van directeuren, te werken met korte contracten of een arbeidsovereenkomst voor een bepaalde tijd.

“Het ministerie van Arbeid is daarvan geen voorstander, omdat wij een wet die contractarbeid zal tegengaan, recentelijk hebben goedgekeurd. Het heeft geen toegevoegde waarde om de contracten aan te bieden voor een bepaalde tijd. De leidinggevenden van het NPC, die aan high quality eisen moeten voldoen, moeten uitzicht hebben op een lange dienstbetrekking”, zei hij.

De regering heeft verschillende fondsen die de productie moeten stimuleren. Moestadja zei dat het NPC niet bedoeld is om productie te stimuleren, maar eerder de productiviteit van arbeid, kapitaal en de totale factor. Het NPC is volgens de bewindsman geen overbodige luxe als we als land op structurele wijze en geleid vanuit een centraal punt, concurrerend willen zijn. Volgens hem moeten we dan gaan sleutelen aan de productiviteit van arbeid, kapitaal en de totale factor productie. Als je wilt dat de economie een brede basis krijgt om te verdienen of concurrerend produceren, dan is er een instituut dat dat zou kunnen doen. In Latijns-Amerika is de arbeidsproductiviteit 1,2 procent per jaar vergeleken met het gemiddelde van 4,2 procent in 104 landen waar data over beschikbaar is. Volgens Moestadja komt Suriname niet in de buurt van de 4,2 procent, welke volgens hem de noodzaak van het NPC voor Suriname aanduidt.

-door Priscilla Kia-