Behandeling Minamata verdrag: ‘Laat regering open kaart met ons spelen’

Volksvertegenwoordiger André Misiekaba (NDP), vindt dat er nog veel informatie ontbreekt voor wat betreft het kwikvraagstuk in ons land. Bij de bespreking over de ratificatie van het Minamata verdrag in het parlement, vroeg hij de regering om open kaart met het parlement te spelen en uit de doeken te doen wie de personen zijn die zich schuldig maken aan het illegaal gebruik van kwik. Misiekaba heeft vernomen dat de schatting van het aantal personen dat direct of indirect emplooi heeft in de kleinschalige goudsector, varieert tussen 10.000 en 30.000 personen. Hij vindt dat de hoeveelheid illegale kwik dat het land binnenkomt, niet onopgemerkt kan blijven. Misiekaba gaf aan dat er vorig jaar oktober een workshop is gehouden met verschillende actoren en stakeholders over dit vraagstuk, maar niemand kon vertellen hoe kwik precies het land binnenkomt. Het ministerie van Handel, Industrie en Toerisme (HI&T), had toen aangegeven dat kwik al vijftien jaar niet via de officiële  kanalen binnenkomt.

Ondanks dat voor de import van kwik een vergunning noodzakelijk is, heeft tot nog toe niemand zich aangemeld voor de aanvraag hiervan, maar er komt toch kwik het land binnen.

Misiekaba vindt ook dat het milieuvriendelijk aspect nader bekeken moet worden. Niemand weet wie, waar en hoe kwik wordt opgeslagen. Hij vraagt zich dan ook af hoe het volk ervan verzekerd kan worden dat de opslag van kwik milieuvriendelijk geschiedt. Misiekaba is van oordeel dat het Minamata verdrag voldoende ruimte biedt om het gebruik van kwik gedoseerd af te bouwen. Gelet op de economische waarde en maatschappelijke spin off van de small skill goldmining, roept Misiekaba de regering op om in nauwe samenspraak met alle stakeholders, te komen tot een goede afbouwregeling van het gebruik van kwik in ons land. Er zijn volgens hem voldoende kwikvrije methoden die gehanteerd kunnen worden en die reeds op kleine schaal gebruikt worden. Echter merkt hij op dat de vervangende systemen van kwikwinning tot nog toe kapitaalintensief zijn.

Volgens Marinus Bee (ABOP) is het niet duidelijk wat multinationals met hun afval doen na het ontplooien van goudwinningsactiviteiten. Indien de regering informatie hieromtrent heeft, zou Bee graag zien dat deze met het parlement gedeeld wordt. Hij brengt de regering in herinnering dat het kwikgebruik in het binnenland nog steeds alarmerend is.

door Kimberley Fräser