Governor Maurice Roemer blijft een jaar langer aan als hoofd van de Centrale Bank van Suriname (CBvS). Hoewel zijn vijfjarige termijn in februari 2025 zou aflopen, heeft de regering besloten, zijn contract met een jaar te verlengen. Roemer zal officieel in februari 2026 aftreden. De Centrale Bankwet 2022 gaat uit van de benoeming van zeven jaar voor de President en elk van de directeuren, met een enkele mogelijkheid tot herbenoeming. De raadsleden zijn vorig jaar, onder de nieuwe wetgeving, voor de volle vijf jaar benoemd.
Ondertussen verneemt de krant, dat Malti Ramsundersingh binnenkort benoemd wordt als de vierde directeur op de moederbank. De CBvS staat momenteel onder leiding van een directieteam bestaande uit Rakesh Adhin, Harry Dorinnie en Ricky Soedamah, naast Governor Roemer. Met de toevoeging van Ramsundersingh wordt het bestuur verder versterkt en ontstaat meer diversiteit in de top qua gender. In de Raad van Commissarissen zit ook maar één vrouw. Wettelijk gezien, kan er nog een vijfde directeur benoemd worden. Ramsundersingh is afkomstig van de Republic Bank als directeur Corporate Banking.
Recente jaarverslag
Volgens het meest recente jaarverslag, dat betrekking heeft op boekjaar 2021 en dat op 21 augustus 2024 gepubliceerd werd, is het eigen vermogen negatief SRD 4,1 miljard.
De Centrale Bankwet 2022 voorziet tevens in een ‘herkapitalisatieregeling’ die wettelijk het kapitaal van de bank op SRD 1 miljard vaststelt. Aanvullingen dienen echter, volgens de wet, plaats te vinden door winstinhoudingen van de Bank en/of bijstortingen door de Staat. Geen van beide instituten is daar realistisch op dit moment financieel toe in staat, zodat er tussen het wettelijk vastgesteld kapitaal en het eigen vermogen, een opmerkelijke ruimte bestaat. Voorts heeft de onafhankelijke accountant, R.D. Ferrier van BDO Assurance, zich van oordeel onthouden over het jaarverslag 2021, mede vanwege ‘niet voldoende gedekte vorderingen op de Staat Suriname’. De contractuele relatie tussen de Centrale Bank en de benoeming tot de functie zijn twee verschillende aspecten.
De contractuele relatie bepaalt de arbeidsvoorwaarden en aanspraken die de persoon heeft op het instituut. De benoeming is de wettelijke bevoegdheid om in de functie leiding te geven en het instituut te vertegenwoordigen. Over de benoemingen van respectievelijk Roemer en Ramsundersingh moet officieel nog een bekendmaking plaatsvinden.