Romano Meriba verlaat de NDP. Als gezinslid van grondlegger Bouterse, die criminaliteit en geweld niet geschuwd heeft, was hij een reliek uit een andere tijd. Een tijd waarbinnen de enkele associatie met de autocratisch ingestelde leider van de partij of met zijn elan van onvoorspelbare wapendrager aan het hoofd van een angstscultuur tot de verbeelding sprak en deuren opende. Een tijd waarin jan en alleman, via ieder sprank van hoop, dat toegang tot Bouterse via allerlei informele wegen, persoonlijke, zakelijke en financiele vooruitgang kon betekenen. Als Meriba politieke aspiraties heeft, is zijn vertrek wel de uiting van iets wat zeldzaam is in de Surinaamse partijpolitiek, namelijk het onverkort naleven van het gegeven woord. Meriba heeft eerder dit jaar de NDP als partij nog enkele maanden de ruimte gegeven om het roer om te gooien. Wat dat precies betekent, is voor Meriba als pakkettenuitdeler, zelf gedoopte ghettoleider en Coronie bakkerij onthuller, wel te raden. Namelijk empathie en tastbare verzachting voor de noden van de allerarmsten. Net als Ingrid Bouterse en voor hen, hun – na voortvluchtigheid – ontvallen pater familias, kent Meriba de complexe, maar bestendige machtsbasis, die met name de onderste laag van de bevolking, kunnen bieden, als die een emotionele verbinding voelen met een politicus.
Achter de schermen is het bekend, dat Meriba muurvast liep bij de recente gang van zaken in de NDP. Hij draagt al de hebi’s van het merk Bouterse, zonder de lusten ervan, volop aan te kunnen spreken. Net als de andere kinderen die op Leonsberg opgroeiden, maar niet als dauphin, hebben die lusten een voorwaardelijk en sporadisch karakter. Velen, waaronder NDPers zelf, vragen zich luidop af, of het Dino Bouterse, die wél als dauphin door het leven gegaan is, politiek heel anders zal vergaan dan Meriba, als hij er zelfs voor kiest, Suriname weer zijn thuis te maken. Andere speculeren, dat Meriba als verkenner, groenere paden opzoekt, om het politiek huis van Bouterse elders te vernieuwen en los te weken van lakeien, die de weg naar concessies, skalians en graties versperd hebben.
Stukje bij beetje blijft er met de exodus van Meriba en de afnemende invloed van Abrahams, die moest aanzien hoe een eendaags NDPer er met de troostprijs gereserveerd voor een familielid vandoor ging, een ander soort NDP over dan de partij waar dreiging en angst altijd vlak onder de oppervlakte borrelden. Tijdens een van zijn laatste persconferenties na de politieke nederlaag van Bouterse, filosofeerde hij luidop over de plek van wapens in het afdwingen van een politiek maatschappelijk andere koers, waarbij hij zichzelf en ‘oom Ramon’ er te oud voor noemde. Meriba en zijn voorliefde voor de levensstijl van die grijze voorgangers, verlaten met stille trom de berm, terwijl Koning Faizal misschien wel de machtigste jonge generatie genoot binnen het zonnestelsel van Simons is, zonder ooit in het palazzo op Leonsberg te hebben gewoond of met “wapens” iets te hebben willen of proberen veranderen.

