De jaarrede van president Jennifer Simons heeft in De Nationale Assemblée verschillende reacties opgeroepen. VHP-fractielid Mahinder Jogi vond de rede te lang en uitvoerig. Andere parlementariërs benadrukten vooral de inhoud en de beleidsvoornemens die de president heeft gepresenteerd. Jogi vindt dat een jaarrede zich meer zou moeten beperken tot de hoofdlijnen van het regeringsbeleid, de beschikbare middelen, de belangrijkste knelpunten en de uitdagingen. ‘’De rede was te ministerieel. De president had zich meer op de hoofdzaken moeten richten’’, zegt hij.
Volgens Jogi had de fractie aanvankelijk overwogen niet deel te nemen, omdat vooraf geen goede besluitvorming had plaatsgevonden over onder meer de locatie en de begroting. Uiteindelijk besloot de VHP-fractie toch aanwezig te zijn. Jogi noemde daarvoor drie redenen: de grondwettelijke verplichting rond de jaarrede, de constitutionele verantwoordelijkheid van parlementariërs en respect voor het ambt van de president. De bezwaren zijn reeds in de huishoudelijke vergadering besproken en gecorrigeerd.
Over de opmerkingen van parlementsvoorzitter Ashwin Adhin over de locatie van de jaarrede zegt Jogi, dat hij daar nog op zal terugkomen. NDP-fractieleider Rabin Parmessar keek vooral naar de inhoud van de jaarrede. Hij noemt als opvallende punten de ontwikkeling van de inflatie en de wisselkoers. Volgens Parmessar is de inflatie teruggebracht tot ongeveer 8,6 procent, terwijl die eerder boven de 10 procent lag. Ook stelt hij dat de wisselkoers na een periode van stijging is gestabiliseerd en al langere tijd stabiel is.
Parmessar wilde niet ingaan op de details van de eerdere discussie binnen de huishoudelijke vergadering over de locatie van de jaarrede. Volgens hem vonden die besprekingen achter gesloten deuren plaats en moet die vertrouwelijkheid worden gerespecteerd. Hij benadrukte dat de inhoud van de jaarrede belangrijker is.
Een onderwerp dat volgens Parmessar bijzondere aandacht verdient, is de aanpak van de goudsector. Hij is positief over de aangekondigde maatregelen en zegt dat daarbij zowel de milieueffecten als de financiële en materiële aspecten van de sector, moeten worden meegenomen.
Ook NPS-fractieleider Jerrel Pawiroredjo vond dat de jaarrede uitgebreid was, maar zegt dat hij inhoudelijk veel uit de toespraak heeft kunnen halen. Hij omschrijft de stijl van president Simons als nuchter en zakelijk. Voor Pawiroredjo is vooral van belang, dat aandacht is besteed aan de koopkracht van verschillende groepen. Daarbij werden onder meer ambtenaren, verpleegkundigen, onderwijsgevenden, ouderen, AOV-gerechtigden, gepensioneerden en mensen met een beperking genoemd. Tegelijkertijd wijst hij erop dat tegenover extra uitgaven ook voldoende inkomsten moeten staan. Volgens Pawiroredjo moet daarom worden gekeken naar inkomsten uit onder meer de informele sector en de goudsector en naar belastingen die momenteel nog onvoldoende worden geïnd. Hij zei dat de begroting hierdoor niet uit balans mag raken en dat de extra lasten niet opnieuw bij groepen terechtkomen, die al zwaar worden belast. Over de aanwezigheid van alle 51 DNA-leden bij de jaarrede, kon Pawiroredjo geen duidelijk oordeel geven.
Hij gaf aan dat zijn fractie aanwezig was en dat het mogelijk is dat niet alle leden op dat moment op het podium zaten.

