President Jennifer Simons heeft gisteren tijdens haar tweede jaarrede gezegd, dat de regering het onderwijs de komende jaren ingrijpend wil aanpassen, om jongeren beter voor te bereiden op de arbeidsmarkt en de economische ontwikkeling van Suriname. In dat kader zal er volgend jaar worden gewerkt aan een nationale onderwijskolom, versterking van de positie van leerkrachten, verdere ontwikkeling van de Anton de Kom Universiteit van Suriname (AdeKUS) en de uitbreiding van praktijkgerichte beroepsopleidingen.
Simons stelde dat het onderwijs beter moet aansluiten op de ontwikkeling die Suriname de komende jaren te wachten staat. ‘’Jongeren moeten niet alleen worden voorbereid op bestaande beroepen, maar ook op beroepen die nu nog niet bestaan’’, aldus de president. Onderwijs moet leiden tot productie, innovatie, ondernemerschap en werkgelegenheid. ‘’Het uitgangspunt van de regering blijft dat alle kinderen moeten eten en naar school moeten kunnen’’, benadrukte Simons. Het broodjesprogramma wordt daarom in aangepaste vorm, voortgezet. De regering voert hiervoor verschillende pilots uit. Simons verklaarde dat dagelijks duizenden leerlingen een maaltijd krijgen, die kan bestaan uit een broodje of een warme maaltijd. Voor 2027 wordt gewerkt aan een duidelijkere afbakening van de doelgroep, waarbij moet worden vastgesteld, welke kinderen daadwerkelijk als behoeftig worden aangemerkt. Het aanbod zal ook gedecentraliseerd worden en er komen strengere waarborgen voor hygiëne.
Voor het schooljaar 2027-2028 liggen er volgens Simons nog grote uitdagingen. Zo moet rekening worden gehouden met het aantal kinderen dat voor het eerst naar school gaat, de beschikbaarheid van lokalen en de staat van de schoolgebouwen. Inmiddels is een inventarisatie gemaakt van scholen die reparaties nodig hebben en van het benodigde schoolmeubilair. Het ministerie van Onderwijs, Wetenschap en Cultuur is reeds begonnen met de bouw van meer dan 50 nieuwe leslokalen. Een deel van het tekort aan schoolmeubilair wordt opgevangen met een donatie van ongeveer 20 containers schoolmeubilair uit Europa. Het Nationaal Leger helpt bij de opslag en distributie hiervan. Ook beschadigd meubilair moet worden aangepakt. Metalen frames van kapotte tafels en stoelen die op schoolterreinen liggen opgeslagen, zullen worden hersteld in samenwerking met lokale organisaties en technische scholen.
Het staatshoofd ziet de problemen binnen het onderwijs als onderdeel van de zogenoemde reparatiefase. Volgens haar is een betere afstemming nodig tussen de bevolkingsadministratie en de onderwijsplanning. Ook spelen daarbij ontwikkelingen zoals immigratie, overgangsnormen en de kwaliteit van het onderwijs een rol. Tijdens twee onderwijsconferenties in april en juni, is gesproken over de toekomst van het onderwijs. Bij de eerste conferentie werd gekeken naar onderwijsmodellen in het buitenland, terwijl tijdens de tweede bijeenkomst, de problemen en belemmeringen binnen het Surinaamse onderwijs centraal stonden. Ook de positie van onderwijsgevenden kwam daarbij aan de orde.
Simons zei dat er voor dit schooljaar, vier speerpunten geformuleerd zijn. Het gaat om de ontwikkeling van een nationale onderwijskolom, investeringen in onderwijsgevenden en het behoud van onderwijskader, de positie van de Anton de Kom Universiteit en de opleiding van onderwijsgevenden. Binnen de nationale onder-wijskolom moeten leerlingen duidelijke doorstroommogelijkheden krijgen van het basisonderwijs naar het voortgezet onderwijs, het beroepsonderwijs, het hoger beroepsonderwijs en uiteindelijk het wetenschappelijk onderwijs. Voorkomen moet worden dat leerlingen binnen het systeem, op een doodlopende weg terechtkomen.
Er moet volgens Simons worden afgestapt van het idee dat uitsluitend theoretisch onderwijs tot maatschappelijk succes leidt. Naast academici, heeft Suriname immers ook technici, vakmensen, ondernemers en praktisch geschoolde vakmensen nodig. In 2027 wordt daarom verder gewerkt aan onder meer doorstroommogelijkheden, eindtermen, kwalificatieniveaus en de aansluiting tussen onderwijs en arbeidsmarkt. Ook de positie van leerkrachten krijgt aandacht. De regering wil onder meer werken aan de loonpositie, secundaire arbeidsvoorwaarden, loopbaanperspectief en het verminderen van de werkdruk. Daarnaast moeten de opleidingen voor onderwijsgevenden worden gemoderniseerd om het beroep aantrekkelijk te houden. De Anton de Kom Universiteit moet uitgroeien tot een nationaal kennis- en onderzoekscentrum dat zich richt op vraagstukken die voor Suriname van belang zijn. Hiervoor moet meer samenwerking komen met het bedrijfsleven en internationale partners, waaronder buitenlandse universiteiten. Ook specialistische opleidingen op gebieden als techniek, rechten en economie moeten verder worden ontwikkeld. De Wet op de Universiteit zal na evaluatie worden herzien. Voor jongeren die snel een vak willen leren, wil de regering samen met de Stichting Arbeidsmobilisatie en Ontwikkeling (SAO) een landelijk aanbod van korte, flexibele en praktijkgerichte beroepsopleidingen opzetten. Deze opleidingen richten zich onder meer op elektrotechniek, installatietechniek, lassen, koeltechniek en autotechniek. Ze zijn bedoeld voor onder anderen vroege schoolverlaters, werkzoekenden en jongeren die zich snel willen kwalificeren voor de arbeidsmarkt.
De opleidingen moeten volgens het staatshoofd, zoveel mogelijk aansluiten op het principe van ‘leren door te doen’. Behaalde certificaten moeten later kunnen worden gebruikt om door te stromen naar reguliere beroepsopleidingen. De accreditatie van de SAO wordt daarbij als belangrijk beschouwd voor de verdere carrièremogelijkheden van afgestudeerden. Een nauwere samenwerking met het bedrijfsleven moet zorgen voor voldoende stageplaatsen, begeleiding en aansluiting op de arbeidsmarkt. Hier wordt vooral gekeken naar groeisectoren zoals olie, gas, bouw en industrie.
De regering is volgens Simons, voornemens om jongeren meer mogelijkheden te bieden, in Suriname een toekomst op te bouwen. Moderne beroepsopleidingen, ondernemerskredieten en banen in onder meer technologie, energie, landbouw en toerisme, moeten bijdragen aan het creëren van die kansen.
Ook de Suriname National Training Authority (SNTA) krijgt een belangrijke rol bij het erkennen en gelijkstellen van beroepskwalificaties.

