De belangstelling om in de rijstsector in Suriname actief te blijven, staat volgens rijstboeren al enige tijd onder druk. De boeren benadrukken, dat de omstandigheden waaronder zij produceren steeds moeilijker worden, terwijl de productie van rijst in het land verder afneemt.
Volgens de rijstboeren is uit de geschiedenis van de Surinaamse rijstsector naar voren gekomen dat er in het verleden duizenden hectares aan rijst werden ingezaaid. Er waren toenertijd plannen om de sector verder uit te breiden, maar volgens hen, is daar weinig van terechtgekomen. Waar Suriname vroeger ongeveer 70.000 hectare aan rijst in productie had, wordt volgens de boeren, nu mogelijk niet eens de grens daarvan gehaald.
De boeren benadrukken, dat Suriname niet alleen rijst nodig heeft voor de consumptie, maar ook voor de voeding van onder meer kippen en ander vee. Een groot deel van het veevoer, is volgens hen afhankelijk van rijstproducten. Wanneer de rijstproductie verder afneemt, kan Suriname volgens de boeren, steeds meer aangewezen raken op import.
De agrariërs verwachten dat de situatie dit jaar nog duidelijker merkbaar zal worden. Volgens hen zal de prijs van rijst verder stijgen als de productie verder afneemt.
Een van hen stelt dat de prijsstijging nu al zichtbaar is. Waar een bepaalde hoeveelheid in een zak vorige week nog ongeveer SRD 600 kostte, zou dezelfde hoeveelheid nu op SRD 700 komen. Volgens de landbouwers gaat de prijs vrijwel dagelijks omhoog.
De stijgende prijzen kunnen volgens hen grote negatieve gevolgen hebben voor de consument. Wanneer de productiekosten verder toenemen en er minder rijst beschikbaar is, zullen consumenten uiteindelijk meer moeten betalen voor dit product.
De rijstboeren wezen daarbij vooral op de achteruitgang van de landbouw als belangrijke oorzaak van de stijgende prijzen.
Ook de vraag of Suriname met een rijsttekort te maken kan krijgen, kwam aan de orde. Volgens hen is de kans op schaarste volledig aanwezig. Zij spreken zelfs van een mogelijke schaarste als de huidige ontwikkeling doorzet.
De gevolgen zouden volgens hen bovendien verder kunnen gaan, dan alleen rijst. Als de rijstproductie en daarmee ook de beschikbaarheid van grondstoffen voor veevoer afnemen, kunnen ook de prijzen van vlees en vis stijgen.
De boeren benadrukken daarom, dat de ontwikkelingen in de rijstsector niet alleen gevolgen hebben voor de landbouwers zelf, maar uiteindelijk voor de hele samenleving.
De afname van het aantal ingezaaide hectares speelt volgens de boeren een belangrijke rol. Volgens de informatie die tijdens het gesprek werd versterkt, gaat het dit jaar om minder dan ongeveer 10.000 hectare. Vorig jaar zou het eveneens om ongeveer 10.000 hectare zijn gegaan.
De uiteindelijke opbrengst per hectare moet volgens de boeren worden berekend aan de hand van de productie en de prijs per eenheid. Daarbij wordt gekeken naar hoeveel rijst gemiddeld per hectare wordt geoogst en welke kosten tegenover die productie staan.
Volgens de boeren maakt de combinatie van een lagere productie en hogere kosten het steeds moeilijker om de sector rendabel cq gaande te houden.
Ook werd ingegaan op de bewering dat rijstboeren door de overheid sterk worden gesubsidieerd. Volgens de boeren is dit een aparte onwaarheid
Volgens hen worden zij niet structureel gesubsidieerd en zijn de kosten om rijst te produceren veel hoger dan vaak wordt voorgesteld.
Op de vraag of de boeren daadwerkelijk worden gesubsidieerd, was het antwoord duidelijk: “Nooit.”
Volgens de rijstboeren heeft de overheid voor dit seizoen slechts voor twee zaken betaald. Zij benadrukken dat dit volgens hen niet als een subsidie kan worden gezien.
De boeren vinden daarom dat er een verkeerd beeld bestaat over de financiële ondersteuning die zij vanwege de overheid ontvangen. Zij stellen dat de daadwerkelijke productiekosten veel hoger liggen en dat zij een groot deel van die kosten zelf moeten dragen.
-door Shenaya Kasban-

