De Bond van Bus- en Bushouders in Suriname (BBBS) is bereid, de bussen weer de weg op te sturen, als vandaag de reguliere betalingen over juli en augustus worden gestort. De bond heeft vanochtend van de directeur van Financiën de toezegging gekregen, dat deze twee maanden worden uitbetaald. Dat zegt BBBS-voorzitter Cotino Finisie tegenover de krant.
De bond hield de bussen gisteren in de garage vanwege het uitblijven van betalingen. Naast de reguliere vergoeding wachten de bushouders al maanden op de brandstofcompensatie en een nieuwe berekening van de vergoeding. Volgens Finisie is de financiële situatie voor de buschauffeurs daardoor onhoudbaar geworden.
“We zijn vanochtend gebeld door de directeur van Financiën. Er is beloofd dat twee maanden van de reguliere betaling zal worden gedaan. Er is verklaard dat er vandaag gestort wordt. We wachten erop”, zegt Finisie.
Als de betaling inderdaad vandaag wordt uitgevoerd, zullen de NVB-bussen volgens de bondsvoorzitter weer gaan rijden. De bond geeft de overheid vervolgens tot 24 september, of uiterlijk 25 september, de tijd om ook de openstaande brandstofcompensatie te betalen.
Het gaat daarbij om de compensatie over de periode maart tot en met juni. Wanneer die betaling uiterlijk 24 september niet is gedaan, zullen de buschauffeurs opnieuw stoppen met rijden en de bussen weer in de garage houden. “Als het geld 24 september, uiterlijk 25 september, niet gestort is, zullen alle bussen weer in de garage gehouden worden”, aldus Finisie.
Volgens Finisie speelt de kwestie over late betaling al enige tijd. Na de verhoging van de brandstofprijs werden gesprekken gevoerd met het ministerie van Transport, Communicatie en Toerisme (TCT) en de NVB. Er werd een commissie ingesteld om de brandstofcompensatie te regelen. Volgens Finisie zijn inmiddels zes maanden verstreken, zonder dat de compensatie aan de bushouders is uitgekeerd.
De buschauffeurs moeten volgens hem, ondertussen wel tegen de hogere brandstofprijzen blijven rijden. Finisie wees er eerder op dat andere groepen binnen het openbaar vervoer het verschil in brandstofkosten al via subsidie ontvangen. Hij noemde daarbij het vervoer dat voor het onderwijs wordt ingezet en personen die zijn aangesloten bij de Particuliere Lijnbus Organisatie (PLO).
Ook de reguliere betalingen bleven achter. Toen de bond gisteren tot de actie overging, was het volgens Finisie inmiddels 14 september en was de betaling over juli nog niet ontvangen.
De achterstallige betalingen zorgen volgens Finisie, voor steeds grotere financiële problemen bij de buschauffeurs. “Het is zwaar voor die buschauffeurs om te tanken”, zei hij eerder. De bond besloot daarom de dienstverlening op te schorten, totdat de openstaande zaken zouden worden geregeld.
Finisie stelt dat directe voorwaarde voor hervatting van de dienstverlening is dat de reguliere betalingen over juli en augustus vandaag daadwerkelijk op de rekening van de bushouders worden gestort. De autoriteiten krijgen daarna nog enkele dagen de tijd om de brandstofcompensatie over maart tot en met juni te betalen. ‘’Na de betaling van de reguliere vergoeding, gaan de bussen voorlopig weer rijden, maar als de brandstofcompensatie niet op 24 september, uiterlijk 25 september, wordt betaald, volgt opnieuw een stillegging. We wachten nu op de betaling”, zegt Finisie.

