IDB: GranMorgu kan Suriname naar 28,5% groei stuwen

De Inter-American Development Bank (IDB) ziet op de middellange termijn, gunstige economische vooruitzichten voor Suriname. De verwachte start van de offshore olieproductie moet de economische groei vanaf 2028 een enorme impuls geven. Volgens de IDB kan de reële economische groei in dat jaar oplopen tot 28,5 procent. De IDB benadrukt dat de sterke groei in 2028 vooral het gevolg zal zijn van de eerste olieproductie uit het GranMorgu-veld in Blok 58. Het gaat volgens de IDB om een eenmalige sterke groeipiek en niet om een structurele versnelling van de economische groei. De economische groei van Suriname vertraagde in 2025 naar ongeveer 1,5 procent, tegenover 1,7 procent in 2024. Dit kwam voornamelijk door een daling van de goudproductie, ondanks de hoge internationale goudprijzen. De niet-grondstoffensectoren bleven volgens de IDB, echter relatief veerkrachtig.

Voor 2026 verwacht de bank een herstel van de groei naar ongeveer 3,9 procent. Op korte termijn zou de groei vervolgens rond 4 procent stabiliseren, ondersteund door een sterkere binnenlandse vraag en toenemende investeringen.

Van goud naar olie

De ontwikkeling van de offshore olie-industrie betekent volgens de IDB, een fundamentele verandering voor de Surinaamse economie. Waar goud jarenlang de belangrijkste pijler van de export was, zal olie de komende jaren steeds dominanter worden.

Mijnbouw was in 2025 goed voor ongeveer 84 procent van de totale export. Olie vertegenwoordigde in dat jaar nog ongeveer 8 procent, maar dat aandeel zal naar verwachting sterk toenemen zodra de offshore productie op gang komt. Volgens de IDB bevindt Suriname zich daardoor in een economische transformatiefase. De extractieve sector zal verschuiven van een goudgedreven naar een steeds meer oliegedreven model. De bank waarschuwt dat deze ontwikkeling ook een risico inhoudt. Een sterk groeiende oliesector kan andere bedrijfstakken overschaduwen en daarmee de economische ontwikkeling van Suriname voor lange tijd bepalen.

Diversificatie blijft noodzakelijk

Volgens de IDB moet Suriname daarom voorkomen dat de toekomstige olierijkdom leidt tot een nog grotere afhankelijkheid van natuurlijke hulpbronnen.

De bank ziet kansen in onder meer toerisme en ecotoerisme, waarbij de culturele diversiteit van Suriname als belangrijke troef wordt beschouwd.

Ook duurzame agribusiness, moderne landbouw en verantwoorde visserij kunnen bijdragen aan meer werkgelegenheid en een bredere economische basis. De IDB noemt ook voedsel- en drankverwerking en hernieuwbare energie als sectoren met potentieel.

De IDB stelt tot slot, dat de verwachte inkomsten vanaf 2028 een belangrijke kans bieden om te investeren in onder meer menselijk kapitaal, infrastructuur en nieuwe groeisectoren.

More
articles