Het GranMorgu-project, de eerste grootschalige offshore olieontwikkeling van Suriname, heeft in de eerste helft van 2026, belangrijke vooruitgang geboekt. Op het gebied van financiering, constructie van offshore installaties, onderzeese infrastructuur en opleiding van lokaal personeel, werden verschillende mijlpalen bereikt die het project dichter bij de geplande eerste olieproductie in 2028 brengen.
Het project wordt ontwikkeld in Blok 58 door TEEP Suriname (TotalEnergies Ex-ploration & Production Suriname), APA Corporation en Staatsolie. De ontwikkeling richt zich op de Sapakara- en Krabdagu-olievelden, die zich ongeveer 150 kilometer voor de Surinaamse kust bevinden. Uit een overzicht van recente ontwikkelingen, gepubliceerd door het Guyanese energie-platform OilNOW, blijkt dat het project zich steeds verder verplaatst van de planningsfase naar de uitvoeringsfase. De verschillende partners melden vooruitgang op zowel technisch als financieel gebied.
Een van de belangrijkste ontwikkelingen kwam begin dit jaar van TotalEnergies Suriname. Tijdens een presentatie in januari gaf General Manager en Country Chair Arthur Nunes Da Silva aan, dat de bewezen olievoorraden in het projectgebied inmiddels worden geschat op meer dan 750 miljoen vaten. Volgens hem kunnen nieuwe seismische gegevens ertoe leiden, dat deze schatting stijgt tot ongeveer 800 miljoen vaten. Ook de bouw van de onderzeese productie-infrastructuur is in een stroomversnelling geraakt. In maart meldde TotalEnergies dat meerdere zogenoemde subsea Christmas Trees, installaties die de olie- en gasproductie op de zeebodem reguleren, reeds waren voltooid. Andere systemen bevonden zich toen in verschillende stadia van assemblage en productie. Eind maart arriveerden de eerste onderdelen van de offshore infrastructuur in Suriname.
Het ging onder meer om componenten van een Long Baseline Positioning System (LBL), een systeem dat wordt gebruikt om tijdens offshore installatiewerkzaamheden uiterst nauwkeurig de positie van apparatuur en vaartuigen op de zeebodem te bepalen. Ook de bouw van de Floating Production Storage and Offloading-unit (FPSO), het hart van de toekomstige productie-operatie, boekte vooruitgang. In april werd de romp van het productie- en opslagschip overgebracht naar een droogdok in China voor verdere constructie-werkzaamheden en de integratie van productie-installaties. Het schip krijgt een productiecapaciteit van ongeveer 220.000 vaten olie per dag.
Volgens gegevens van marktonderzoeksbureau Rystad Energy zal de FPSO beschikken over een topside-installatie van circa 50.000 ton en een gasverwerkingscapaciteit van 500 miljoen kubieke voet per dag. Het platform wordt gebouwd door SBM Offshore in samenwerking met Technip Energies en zal volledig elektrisch worden aangedreven. In mei voerden TechnipFMC en TotalEnergies met succes integratie- en testwerkzaamheden uit op een productiesysteem dat later voor het GranMorgu-project zal worden ingezet. De testen vonden plaats in Maleisië, waar verschillende onderdelen van de onderzeese infrastructuur worden vervaardigd.
Ook op financieel gebied werden belangrijke stappen gezet. Staatsolie-directeur Annand Jagesar maakte bekend dat het staatsoliebedrijf inmiddels meer dan USD 2 miljard heeft veiliggesteld voor de financiering van zijn belang van 20 procent in het project. Dat bedrag bestaat onder meer uit opbrengsten van de Staatsolie-obligatielening 2025-2033 en een gesyndiceerde lening van USD 1,6 miljard, waaraan achttien internationale banken en financiële instellingen deelnemen.
Volgens Jagesar vormen deze middelen, samen met de eigen kasreserves en operationele inkomsten van Staatsolie, een solide financiële basis voor de totale investering van ongeveer USD 2,4 miljard die het bedrijf in GranMorgu zal doen. Naast de technische en financiële voorbereidingen wordt ook gewerkt aan de ontwikkeling van local content. In mei hebben zes Surinaamse deelnemers aan het STS Gradua-te Program, de top van SBM Offshore in Maleisië ontmoet.
Het negentien maanden durende opleidingsprogramma is bedoeld om Surinaamse afgestudeerden voor te bereiden op toekomstige functies binnen de offshore olie-industrie en specifiek op werkzaamheden die verband houden met het Gran-Morgu-project. De ontwikkelingen van de afgelopen maanden bevestigen volgens waarnemers, dat GranMorgu zich in een cruciale uitvoeringsfase bevindt. Naar verwachting zullen de offshore installatie-werkzaamheden verder worden opgevoerd, terwijl Suriname zich voorbereidt op de start van zijn eerste grootschalige offshore olieproductie in 2028.


