Edgar Dikan, leidsman tijdens het staatsbezoek van Koning Willem-Alexander aan Suriname, heeft gisteren tijdens het programma ABC Aktueel uitleg gegeven over de selectie van aanwezigen bij het besloten dialoogsessie-moment. Dikan heeft daarbij ontkend dat Armand Zunder, voorzitter Nationale Reparatiecommissie niet welkom was, of dat hij het woord niet mocht voeren.
Volgens Dikan is de selectie gemaakt op basis van de wens van het Koninklijk Huis en het Surinaamse staatshoofd, waarbij vooral leiders en vertegenwoordigers van directe gemeenschappen, betrokken moesten zijn. “De minister van Buitenlandse Zaken, Melvin Bouva, heeft erop gestaan, dat het moest gaan om nazaten van tot slaaf gemaakten. Andere benamingen moesten achterwege gelaten worden,” aldus Dikan.
Zodoende is er een bredere selectie van de vertegenwoordiging beoogd. Zunder is voorzitter van de Nationale Reparatie-commissie aan overheidszijde, maar volgens Dikan was er onduidelijkheid, over wie Zunder concreet vertegenwoordigde. Want de wens van de koning was om met leiders te praten. “Wij hebben alles in het werk gesteld om hem erbij te hebben. Maar wat ontbrak was het traject: hij was niet meegenomen in de afstemming,” aldus Dikan.
Dikan benadrukte dat enkele leiders op het laatste moment hebben dat Zunder niet kon spreken, zonder voorafgaande afstemming, en dat dit ook aan hem is medegedeeld. Zunder zou daarop hebben gezegd niet te komen als hij niet het woord kon voeren. Uiteindelijk kreeg hij het woord echter wel.
“Het is ook niet waar, dat de president hem het woord heeft gegeven. Ik heb hem het woord gegeven, namens de leiders”, aldus Dikan.
Dat Zunder nadien via de media heeft gesuggereerd dat hij monddood werd gemaakt, noemt Dikan teleurstellend en misplaatst. “Binnen de ring heeft hij heel goed gesproken, maar achteraf hoor ik negatieve dingen naar buiten. Dat vind ik paradoxaal. Ik vind het een gemene natrap, en het is niet correct,” aldus Dikan.
Hij benadrukte dat het doel van het staatsbezoek groter was dan verschillen onderling. Het bezoek moest bijdragen aan de versterking van de diplomatieke en bilaterale betrekkingen tussen Suriname en Nederland.
“Dit traject moeten we samen afleggen. Er is nooit sprake geweest dat de positie van meneer Zunder, ter discussie stond. We gaan elkaar weer ontmoeten, ook in andere omstandigheden”, aldus Dikan.


