De oud-governor van de Centrale Bank van Suriname, Robert van Trikt, is vandaag, 26 november 2025, als verdachte verschenen bij de rechter-commissaris voor een gepland verhoor. Het gaat om een gerechtelijk vooronderzoek dat in april 2020 is gevorderd naar het onrechtmatig gebruik van kasreservemiddelen die door commerciële banken waren toevertrouwd aan de Centrale Bank. Op verzoek van zijn raadsman is het verhoor uitgesteld.
De zaak vindt haar oorsprong in een formeel verzoek van een bankinstelling op 13 maart 2020 aan de Procureur-Generaal om een onderzoek in te stellen. Eerder, op 25 januari 2020, hadden de banken te horen gekregen dat een deel van de kasreserve niet kon worden verantwoord. Die melding vormde de directe aanleiding voor verdere juridische stappen.
De verdenking tegen de oud-governor is gebaseerd op bepalingen uit zowel de Anti-corruptiewet als het Wetboek van Strafrecht, waaronder artikelen die zien op benadeling van de staat, belangenconflicten, verduistering en oplichting door een ambtenaar. Volgens de wet vallen personen die onder toezicht en verantwoording van een overheidsinstelling functioneren onder de definitie van ambtenaar, terwijl de Anti-corruptiewet elke persoon met een publieke functie aanmerkt als publieke functionaris. Governors van de Centrale Bank worden door de regering benoemd en vallen daarmee onder deze wettelijke kaders.
Het Openbaar Ministerie benadrukt dat overtreding van de betreffende wettelijke voorschriften strafbaar is en dat het onderzoek conform de geldende procedure wordt voortgezet.


