Rusland: ‘De afspraak is dat wij geen nieuwe auto’s zullen aanschaffen’

Vicepresident Gregory Rusland heeft gisteren voorafgaand aan de wekelijkse vergadering van de Raad van Ministers gezegd, dat er voorlopig geen nieuwe voertuigen worden aangeschaft voor ministers. “De afspraak die wij hebben gemaakt is, dat wij geen auto’s aanschaffen. Dat is op dit moment zeker niet bij de orde aan de start van deze regering”, aldus Rusland.

Volgens Rusland zijn er inmiddels voertuigen teruggehaald bij verschillende ministeries, bij het Kabinet van de President en Kabinet van de Vicepresident. Er wordt momenteel nog geïnventariseerd, waar zich nog staatsvoertuigen bevinden, zodat ook deze kunnen worden teruggebracht.

Ook benadrukte Rusland, dat er een evaluatie plaatsvindt van het wagenpark binnen de overheid, in het kader van een breder transporttraject. Er zijn nog een aantal lopende zaken van  de vorige regering, “daar heb ik op dit moment geen compleet zicht op, die zullen worden afgehandeld. Vanwege deze regering en op dit moment, is de afspraak, dat wij geen nieuwe auto’s zullen aanschaffen”, aldus Rusland.

De vicepresident benadrukte, dat de regering zoveel mogelijk zal werken met de beschikbare voertuigen en dat de huur van voertuigen waar mogelijk, wordt stopgezet. Op het Kabinet van de Vicepresident zijn reeds gehuurde auto’s teruggestuurd, omdat er volgens Rusland, te hoge bedragen aan dergelijke constructies werden besteed. Alleen in uitzonderlijke gevallen, kan nog tijdelijk een voertuig worden ingehuurd, mits er een duidelijke en gemotiveerde reden voor is. ‘’Het beleid blijft: geen aankoop van nieuwe auto’s en afbouw van dure huurconstructies’’, aldus Rusland.

Bij de regeringswisseling bleek dat sommige ministeries helemaal geen eigen voertuigen hadden, waardoor er tijdelijk via huurconstructies werd gewerkt. Volgens de vicepresident komt er nu een overgangsregeling en zullen de lopende contracten geleidelijk worden afgebouwd. Ministers mogen nog tot 1 november 2025 gebruik maken van de gehuurde voertuigen, waarna er duidelijkheid moet zijn over het definitieve transportbeleid.

More
articles