De recente monetaire cijfers tonen volgens de Suriname Economic Oversight Board (SEOB) aan, hoe fragiel het economisch herstel in Suriname is. Ondanks dalende inflatie en een gezondere bankensector, waarschuwt de SEOB voor de toenemende druk op de SRD, die het directe gevolg is van hoge overheidsuitgaven, waardoor de geldhoeveelheid in omloop is toegenomen en het monetaire beleid aan effectiviteit verliest.
De basisgeldhoeveelheid in SRD is eind 2024 en begin 2025 sterk toegenomen, voornamelijk door netto transacties van de overheid. De uitgaven, vooral via lopende betalingen en trekkingen op buitenlandse leningen, hebben de geldhoeveelheid opgejaagd. Hoewel de Centrale Bank van Suriname (CBvS) via openmarktoperaties, valutaveilingen en kasreservevoorschriften probeert de overtollige liquiditeit in te dammen, ondermijnt het voortdurende begrotingstekort deze inspanningen.
De stijgende wisselkoers van de Amerikaanse dollar in mei, is volgens de SEOB een direct gevolg van deze disbalans.
‘’Zolang er geen strikte coördinatie is tussen het begrotingsbeleid en het monetair beleid, zal de CBvS haar instrumenten blijven inzetten in een strijd die nauwelijks te winnen is. De maatschappelijke kosten van deze strijd zijn hoog: inflatie dreigt weer op te lopen, koopkracht wordt verder uitgehold en het vertrouwen in de SRD brokkelt af’’, stelt de SEOB. De instabiliteit raakt ook huishoudens rechtstreeks, doordat huurprijzen, energietarieven en geïmporteerde goederen duurder worden.
De internationale reserves bleven ondanks de druk op peil, met een bedrag van USD 1,6 miljard in mei, goed voor een importdekking van 7,6 maanden. Daarmee beschikt de Centrale Bank over voldoende buffer om eventuele externe schokken op te vangen. De SEOB waarschuwt dat ook deze reserves niet onbeperkt zijn en snel onder druk kunnen komen als hervormingen uitblijven.
De Surinaamse bankensector toont ondertussen tekenen van herstel. Het aandeel probleemleningen daalde van ongeveer een kwart begin 2024 tot slechts 4,1 procent in mei 2025. Deze verbetering komt voort uit een combinatie van opschoning van de bankbalansen en een geleidelijk herstel van het betalingsgedrag van huishoudens en bedrijven. Banken staan er ook qua buffers beter voor: de gemiddelde solvabiliteit ligt boven de 20 procent. Toch blijven kredietkosten hoog. Spaarrentes dalen, maar de gemiddelde leenrente blijft rond de 14,6 procent hangen. Dat maakt het voor productiebedrijven nog steeds moeilijk om aan betaalbaar krediet te komen en beperkt de ruimte voor investeringen in de reële economie. De SEOB benadrukt dat de economische stabiliteit enkel behouden blijft als er geloofwaardige en structurele keuzes worden gemaakt. Het begrotingstekort moet worden teruggebracht, vooral door het beperken van overheidsuitgaven en het verhogen van belastinginkomsten. Dit vereist versterking en verzelfstandiging van de Belastingdienst, waarbij digitalisering en het verbreden van de belastinggrondslag noodzakelijk zijn. Ook het implementeren van de aanbestedingswet is van belang om transparantie en doelmatigheid bij overheidsuitgaven te waarborgen. Daarnaast moeten er meer gekeken worden naar sectoren die deviezen genereren en werkgelegenheid creëren, zoals productie, toerisme en diensten. Volgens de SEOB kunnen die worden ondersteund door het verlagen van de valutakasreserve en het herzien van rentetarieven voor deze sectoren. Om het investeringsklimaat duurzaam te verbeteren, is het cruciaal dat er helder en consequent beleid wordt gevoerd. Alleen wanneer beleid voorspelbaar is en hervormingen met overtuiging worden doorgevoerd, kan het vertrouwen van burgers, bedrijven en investeerders worden hersteld.
IMF-vervolgprogramma essentieel
De SEOB stelt dat hoewel er sprake is van een lagere inflatie, stabiele reserves en een sterkere bankensector, het fundament nog altijd wankel is. Zolang structurele tekortkomingen niet worden aangepakt en beleidscoördinatie uitblijft, blijft het risico bestaan dat het herstel tijdelijk is. Volgens de SEOB is een vervolgprogramma met het Internationaal Monetair Fonds (IMF) essentieel om institutionele versterking voort te zetten en eerdere hervormings-winst veilig te stellen. ‘’Alleen met een gezamenlijke aanpak tussen de overheid, de Centrale Bank en internationale partners, kan Suriname de economische veerkracht opbouwen die nodig is voor duurzame ontwikkeling’’, aldus de SEOB.


