Suriname biedt zijn expertise aan voor Guyana’s waterkrachtproject

Suriname heeft aangeboden, zijn expertise te delen ter ondersteuning van het waterkrachtproject van Guyana. Dit onderstreept de ervaring van Suriname op het gebied van hernieuwbare energie. Annand Jagesar, algemeen direc-teur van Staatsolie, verklaarde dat Suriname bereid is sa-men te werken en kennis uit te wisselen. “We hebben veel waterkracht”, stelde Jagesar. Hij wees erop dat de waterkrachtcapaciteit van Suriname 1.500 vier-kante meter per megawatt beslaat, terwijl het project van Guyana met slechts 30 vierkante meter per mega-watt, een vergelijkbare hoeveelheid energie zou kunnen opwekken. “Dat is een goed project”, voegde hij eraan toe.

Jagesar onderstreepte de noodzaak van samenwerking binnen de regio. “Het is niet erg gunstig om kapitaal op beide markten te dupliceren. Uiteindelijk moeten we gezamenlijk optrekken, vooral met het gas- en bauxietproject en kijken naar de mogelijkheden.” Suriname heeft zich al jarenlang verdiept in regionale energieoplossingen. “Er zijn veel documenten geïntroduceerd door de Inter-American Development Bank en de Wereldbank”, aldus Jagesar. Uit deze studies blijkt dat waterkracht een belangrijke energiebron vormt voor Noord-Brazilië en de Guyana’s. Jagesar benadrukte dat grootschalige projecten samenwerking vereisen. “Wij willen ons graag aansluiten en onze ervaring toevoegen”, zei hij. Het Amaila Falls Hydropower Project (AFHP) in Guyana, dat al lange tijd als een belangrijk initiatief in de energie-transitie van het land wordt beschouwd, is uitgesteld tot 2029. Guyana geeft mo-menteel prioriteit aan de ontwikkeling van het project Gas-to-Energy (GtE), om aan de groeiende energiebehoefte te voldoen. Fase 2 van het GtE-project zal in de tussentijd voorzien in de energievoor-ziening. Oorspronke-lijk was het de bedoeling dat de AFHP 165 megawatt (MW) scho-ne, betrouwbare energie zou leveren aan het nationale elektriciteitsnet en in 2027 operationeel zou zijn. Echter, de onderhandelingen met de laatste aannemer mislukten in 2022, waardoor het project werd vertraagd.

More
articles