Internationale Dag tegen Racisme en Discriminatie

Ter gelegenheid van de Internationale Dag tegen Racisme en Discriminatie, herdenken wij vandaag de vele voorbeelden van intolerantie, racisme en discriminatie wereldwijd. De Verenigde Naties hebben deze belangrijke dag uitgeroepen naar aanleiding van een demonstratie die in 1960 plaatsvond in Zuid-Afrika waarbij een vreedzame demonstratie van zwarte burgers tegen racistische wetgeving van het toen regerende witte apartheidsregime, op harde wijze werd neergeslagen en vele zwarte demonstranten – mannen, vrouwen en kinderen -werden gedood. De commissie Mensenrechten in De Nationale Assemblee (DNA) herdenkt vandaag alle slachtoffers van racisme en discriminatie wereldwijd voor de moed die ze betoond hebben. Hiermee hebben zij een onuitwisbaar voorbeeld gesteld voor de mensheid en het essentiële belang van de gelijkheid van ieder mens zoals in 1948 vastgelegd in artikel 7 van de Universele Declaratie van de Mensenrechten. Als commissie kunnen wij op deze dag dan ook enkel het belang onderschrijven van het onvoorwaardelijk respect dat ieder mens vanaf zijn geboorte verdient en dat geen enkele vorm van racisme en discriminatie ooit gerechtvaardigd kan worden. We moeten er dan ook gezamenlijk consequent en resoluut voor waken dat sentimenten tot het aanzetten van haat, intolerantie, discriminatie en racisme geen enkele kans mogen maken binnen onze Surinaamse samenleving. Helaas is racisme, intolerantie en discriminatie nog aan de orde van de dag in vele samenlevingen wereldwijd, vaak aangemoedigd door bewegingen en/ of individuen met politieke en religieuze motieven die de samenleving en het gewone volk als instrument trachten te gebruiken om ontwrichtende doelstellingen te verwezenlijken. De commissie is dan ook bezorgd over ontwikkelingen in met name de afgelopen weken en maanden in Suriname, waarbij een noemenswaardige aantal expliciete uitlatingen vooral via de sociale media opriepen tot collectieve acties tegen specifieke etnische groepen binnen de samenleving en om deze het doelwit te maken van geweld. Deze acties duiden onmiskenbaar op het aanmoedigen en aanzetten tot interetnische intolerantie en geweld binnen onze samenleving. Dit fenomeen is ‘niet Surinaams’ en behoort dan ook uitgebannen te worden. Het Surinaamse volk deelt een lange geschiedenis waarin gewetenloze onderdrukking, exploitatie en geweld tegen ons volk door de kolonisator centraal stond. Niemand weet daarom beter dan ieder van ons wat racisme, intolerantie, en discriminatie met zich meebrengt. Bovendien had zij er ook een essentieel belang bij de etnische groeperingen tegen elkaar op te zetten volgens de verdeel- en heersideologie. Dit volk heeft juist de historische opdracht om de eenheid in verscheidenheid te koesteren als visitekaart van ons volk. Men moet beseffen dat met de huidige economische malaise het Surinaamse volk zijn krachten niet zou moeten versplinteren, maar juist zou moeten bundelen om de gedeelde uitdagingen te overbruggen.

De commissie roept het Surinaamse volk dan ook op zich niet te laten meeslepen in het stigmatiseren van of keren tegen andere etnische groeperingen binnen onze Surinaamse samenleving, maar zich juist resoluut tegen dergelijke negatieve krachten te verzetten en te verkiezen gezamenlijk aan oplossingen te werken. Het Surinaamse volk heeft tenslotte eerder voor moeilijke tijden gestaan als jonge natie en moet beseffen dat het aanmoedigen van racisme en onderlinge discriminatie, zijn ontwikkeling allerminst zal bevorderen. De commissie heeft het vertrouwen in het Surinaamse volk en moedigt het aan op constructieve en op vredelievende wijze aan zijn ontwikkeling te werken en hierin een sterk voorbeeld te stellen aan de jongere generaties, die moeten opgroeien tot de toekomstige democratische leiders van deze mooie en kleurrijke natie, aldus de Commissie Mensenrechten in De Nationale Assemblee.

More
articles