Boldewijn vindt reshuffelingsbeleid president onduidelijk

De geruchten doen de ronde dat president Desiré Bouterse voor de zoveelste keer een deel van het ministerteam zal reshuffelen. Ook zullen enkele ministers het veld moeten ruimen. August Boldewijn, bestuurskundige, gevraagd naar een reactie, geeft aan dat hij het reshuffelingsbeleid van de president niet begrijpt. De president heeft de bevoegdheid om ministers te ontslaan en te benoemen, maar volgens Boldewijn is het probleem dat ministers nauwelijks twee jaar aanzitten of zij worden vervangen/gereshuffeld door de president, zonder dat de reden bekend wordt gemaakt. Hij benadrukt dat de president in feite zou moeten motiveren waarom hij een minister reshuffelt of vervangt. De bestuurskundige stelt, dat een minister plaats moet maken voor een ander indien hij onbekwaam en ongeschikt is, waardoor hij niet binnen het beleid van de regering past. Echter zegt hij dat wij alleen maar kunnen gokken, de werkelijke reden kan alleen de president aangeven.

Hij kan zich nog het geval van ex-minister Sieglien Burleson van Handel en Industrie herinneren, waarbij zij door de president zonder enige reden werd vervangen.

Boldewijn geeft aan dat er toen geruchten gingen, dat de minister niet op één lijn zat met directeur Reina Ravales van het ministerie, die haar ontslag had gekregen. Kort daarna werd de minister vervangen en werd Ravales weer aangesteld als directeur. Boldewijn zegt, dat indien de geruchten waar zijn, er niet juist is gehandeld. Hij geeft aan dat de minister bij wet de bevoegdheid heeft om mensen op zijn ministerie te ontslaan, ontheffen en in dienst te nemen.

Bij het aanstellen van een persoon tot minister, zegt de bestuurskundige dat er een bepaald beoordelingscriteria moet zijn op basis van kennis en kunde. Ook is het volgens hem onduidelijk om uit te maken wie welke minister is van welke coalitiepartij. Hij noemt Nederland als voorbeeld, waar het zeven maanden geduurd heeft om een regeringsakkoord te bereiken. Hij vraagt zich af als onze regering wel een regeringsakkoord heeft opgemaakt. Boldewijn stelt dat in Suriname meestal een partij (meeste zetels) het voor het zeggen heeft.

Op de vraag als het reshufflen een tactiek van de president is om zoveel mogelijk partijgenoten en vrienden te accommoderen, gezien de vele voorzieningen die men krijg na een jaar minister te zijn geweest, zegt Boldewijn dat hij hiervoor geen bewijzen heeft. Indien dat wel het geval is, geeft Boldewijn aan dat het tot gevolg zal hebben dat de uitgaven van de overheid bezwaard worden. Hij zegt dat de regering in het parlement tijdens de begrotingsbehandeling moet aangeven wat de kosten zijn die opgebracht moeten worden voor aan ex-ministers en hun gezinnen. Hij zegt verder dat het parlement zou kunnen aangeven, dat zij zich hierin niet terug kan vinden, gezien de financiële situatie van ons land.

-door Johannes Damodar Patak-