‘Hoofddoel niet bereikt met Cubaanse artsen’

Volgens Djoties Jaggernath, VHP-parlementariër en arts, zal het ministerie van Volksgezondheid zijn hoofddoel, namelijk preventie, niet bereiken met het inwerken van Cubaanse artsen. Minister Antoine Elias van Volksgezondheid, heeft bij de benoeming van Sebita Gopal als nieuwe directeur van de Regionale Gezondheidsdienst (RGD) aangegeven, dat waarnemend RGD-directeur Edwin Noordzee, het Milagros-project zal trekken.
Hierbij zullen 50 artsen uit Cuba klaargestoomd worden om direct in het veld te werken, terwijl 140 andere artsen ingewerkt worden om het Wanica Ziekenhuis te draaien. Jaggernath zegt dat deze ontwikkeling alarmerend is en niet goed is voor de patiënten. “De relatie tussen de arts en de patiënt moet er een van vertrouwen zijn. Daarbij speelt de taal een belangrijke rol”, zegt Jaggernath. Volgens hem zou een arts, gezien onze culturele samenleving, los van het Nederlands, tenminste Sranantongo moeten kunnen spreken, zodat alle patiënten kunnen volgen wat er gezegd wordt.
De taal is volgens hem heel belangrijk, vooral omdat er in deze periode van crisis gewerkt wordt aan preventie en de artsen in de primaire gezondheidszorg ingezet zullen worden. Jaggernath geeft wel toe dat Suriname een tekort heeft van 70 artsen. Hij zegt dat op basis van richtlijnen van de World Health Organization (WHO), een land op basis van het aantal inwoners een bepaald aantal artsen moet hebben. Desondanks zegt hij dat het ministerie liever kan werken met Surinaamse artsen die zich meer zullen moeten inzetten.
Een ander probleem voor ons land zijn volgens Jaggernath, de kosten die daarmee gepaard gaan. De Cubaanse artsen moeten in US-dollars betaald worden, terwijl ook zaken zoals huisvesting en vervoer geregeld moeten worden. Onze redactie heeft getracht Pieter Voight, de voorzitter van de Vereniging van Medici in Suriname (VMS) hierover te spreken, maar hij wenste geen reactie te geven. “Dat is des regerings en des ministers”, zei Voight.

door Priscilla Kia

More
articles